Home Nationale ParkenBezienswaardighedenUpdate
1
Reisverslag - 2008
   
Dag 1-7  -  Dag 8-13 -  Dag 14-19 -  Dag 20-28 Grote Foto's - Print PDF document
   
Inleiding
Het lijkt wel of we elk jaar vroeger zijn met onze beslissing om tijdens het daaropvolgende jaar toch maar weer naar de USA te gaan. Deze keer viel het besluit ergens hoog boven in de lucht, terwijl we vanuit Cincinnati naar Amsterdam vlogen. Ook wisten we al ongeveer welk gebied we zouden gaan bezoeken, we hadden New Mexico op het oog, in combinatie met noord Arizona en zuid Utah.

Tijdens onze voorbereidingen waren er een aantal zaken die ons heel erg bezig hielden. Allereerst was dat de tocht naar White Pocket, die we vanwege de lastige aanrijroute niet op eigen houtje durfden te ondernemen. We wilden dan ook graag gebruik maken van de diensten van gids Terry Alderman uit Kanab; het bleek echter niet makkelijk te zijn om contact met hem te krijgen en een en ander af te spreken. Uiteindelijk kostte het ons heel wat geduld, diverse emailtjes en een telefoontje naar Kanab om alles rond te krijgen, en we waren dan ook erg blij toen we de datum 29 april in onze agenda konden noteren. Nog veel spannender was de zoektocht naar de juiste locatie van Red and White Canyon, en het bemachtigen van de benodigde permits om daar naartoe te mogen gaan. Het lukte om de juiste locatie te vinden, maar die permits, dat bleek toch echt een probleem te zijn. Op het moment dat we naar de USA vertrokken hadden we daarover nog steeds geen zekerheid!

Maar wat ons het meeste bezig hield, dat was toch heel iets anders. Vanwege de gezondheid van mijn vader is het lange tijd erg onzeker geweest of onze vakantie wel door zou kunnen gaan, en zoiets zit tijdens de voorbereidingen toch voortdurend in je gedachten. Gelukkig verbeterde zijn toestand tijdens de laatste weken voor de vertrekdatum zodanig, dat we het aandurfden om te gaan. Zeker op verzoek van mijn vader zelf, die niets liever wilde dan dat wij van onze vakantie zouden kunnen gaan genieten. Op het moment dat ik dit schrijf - een week na onze terugkomst - gaat het prima met hem én kunnen wij terugkijken op een fantastische vakantie waarin de bezoeken aan White Pocket en (ja, het is gelukt!) Red and White Canyon tot de hoogtepunten behoren.
 
Dag 1 : zondag 20 april : Amsterdam-Atlanta-Phoenix
Gereden : 6 mijl (geen dirtroads)
Trails : Geen

 copyright © hanz meulenbroeksLaat ik dit reisverslag eens kort en bondig beginnen:  onze heenreis verliep helemaal volgens het boekje. We vertrokken precies op tijd vanuit Amsterdam, en we haalden - ondanks een krappe overstaptijd - zonder problemen de vlucht naar Phoenix. Nadat we onze bagage hadden opgehaald, werden we met een busje naar het grote, nieuwe autoverhuurstation gebracht. Waar we van Alamo zelf een SUV uit mochten zoeken. Vooraan in de rij stond een Nissan X-Terra die er precies zo uitzag als die waar we vorig jaar in hadden rondgereden; alleen de kleur was anders, het was geen knalgele deze keer, maar een grijze. Even een paar dingen controleren: is het wel echt een 4WD (ja), is er een reserveband aanwezig (ja), en een krik (ja), zien de banden er nog goed uit (ja natuurlijk, met nog maar 4.654 mijlen op de teller!). Okay, doet u deze maar voor ons! Toen we in wilden stappen viel het Hans opeens op dat er geen kentekenplaat achter op de auto zat. Aan de binnenzijde van de achterruit was wel een papier bevestigd waarop een tijdelijk kenteken stond, en de datum tot wanneer dat tijdelijke kenteken geldig was. Daarmee mochten we gewoon overal rondrijden, niet alleen in Arizona maar ook in andere staten, zo vertelde de Alamo-medewerker ons. Dus stapten we in onze auto en gingen op weg naar ons motel, de La Quinta Inn aan South 48th Street. Waar we ontdekten dat de geldigheidsduur van het tijdelijke kenteken verliep op 14 mei, terwijl wij de auto pas op 16 mei zouden gaan inleveren. We hadden echt geen idee wat er zou kunnen gebeuren als we op 15 mei door een ijverige State Trooper aan de kant zouden worden gezet, maar zin om terug te rijden naar Alamo en daarnaar te gaan informeren hadden we toch echt niet. Dus besloten we om onze Nissan gewoon te houden, en ons op 15 en 16 mei maar éxtra netjes aan de verkeerregels te houden.
 
Dag 2 : maandag 21 april : Phoenix - Prescott - Sedona
Gereden : 216 mijl (waarvan 9 mijl dirtroad)
Devils Bridge Trail : 2 mijl

Het was nog net geen zes uur toen we van de parkeerplaats van La Quinta Inn wegreden, volgens mij is dit toch echt een record 'vroeg wegwezen tijdens de eerste ochtend'. Het was op dit tijdstip nog lekker rustig op de weg en ook in de Safeway, waar we onze eerste boodschappen deden, waren nog niet veel klanten te bekennen.Dat schoot lekker op, halverwege de ochtend bereikten we al onze eerste bestemming: Watson Lake bij de plaats Prescott. Dit helderblauwe meer wordt omringd door heel veel kleine, lichtgekleurde rotsen en keien, die Granite Dells worden genoemd. Een erg goede plek om onze beenspieren, die nog stram en stijf waren van de lange vliegreis van gisteren, weer op gang te krijgen.  copyright © hanz meulenbroeksEven lekker wat over de keien klimmen en mijn nieuwe fototoestel uitproberen. Niet zo'n chique als die van Hans hoor, ik wil gewoon zonder na te hoeven denken over lenzen, filters en instellingen m'n plaatjes kunnen schieten. Een stel kanoërs wilde graag even als fotomodel dienen, dat zag er heel mooi uit, die felrode kano's in combinatie met de lichtbruine rotsen en het blauwe water. Terwijl we in het park waren hoorden we voortdurend de sirene van een politieauto; dichtbij, dan weer wat verder weg, opnieuw dichtbij... het leek wel of daar een heuse achtervolging plaatsvond zoals je die wel eens op tv voorbij ziet komen. Op het moment dat we het park uitreden hoorden we de sirene niet meer, maar toen we direct daarna rechtsaf wilden gaan, de 89 op, bleek dat er toch wel degelijk iets aan de hand was. De weg werd door een politieauto afgesloten, we mochten er niet in. Dit betekende dat we een kleine omweg moesten maken. We reden om Willow Lake heen, iets groter dan Watson Lake en ook al omringd door Granite Dells. Toch net wat minder mooi dan die bij Watson Lake, zo luidde ons gezamenlijke oordeel.

Toen we de 89 weer bereikten kwamen we een tweede wegafzetting tegen, maar gelukkig konden we nog wel naar de splitsing met de 89-alt rijden. En dat bleek dus een prachtige route te zijn, een smalle bochtige weg dwars door Prescott National Forest heen, met hier en daar weidse uitzichten. Terwijl we zo heerlijk relaxed aan het genieten waren van onze eerste vakantiedag, liet John Denver ons via de speakers weten hoe goed het is om "Back Home Again" te zijn. Hij had helemaal gelijk, zo voelde het echt aan voor ons! Een leuke verrassing tijdens onze rit was het toeristische plaatsje Jerome, een voormalig mijnwerkersstadje dat nu het domein is van schrijvers, muzikanten en andere artistieke lui. Er staan nog veel mooie oude gebouwen, de weg loopt daar smal, steil en kronkelig tussendoor. We hadden geen zin om een parkeerplaats te zoeken en ons tussen de vele toeristen te mengen, maar door het plaatsje heenrijden vonden we allebei een heel leuke ervaring.
 
 Granite Dells copyright © hanz meulenbroeks  Granite Dells copyright © hanz meulenbroeks
Ongeveer 20 mijl voorbij Jerome bereikten we de beroemde rode rotsen met daar midden tussenin Sedona. Wat ligt dat plaatsje schitterend zeg, met aan alle kanten om je heen die machtige rotsen. Dan is dat vlakke landje van ons toch maar saai om te zien, toch! Op veel plaatsen in Sedona mag je alleen maar parkeren als je een "Red Rock Pass" of een "America the Beautiful Pass" op je dashboard hebt liggen. Wij gingen voor de America the Beautiful Pass (de opvolger van de inmiddels afgeschafte National Park Pass), die zouden we immers ook tijdens de komende weken nog volop nodig hebben. Dus eerst maar eens een bezoekje aan het Visitor Center, waar een vriendelijke dame op leeftijd ons van informatie én de pas voorzag. Toen ze zag dat wij uit Nederland kwamen reageerde ze heel enthousiast... dat was haar favoriete vakantieland!! Vooral de Kjuukenhof vond ze helemaal geweldig, zei ze. Hmmm, hadden wij niet een kwartiertje geleden nog tegen elkaar gezegd dat binnenrijden in Sedona zo indrukwekkend is voor iemand die uit het platte Nederland komt?? De vrouw kwam met de perfecte oplossing: als zij onze woning in Nederland mocht hebben, dan konden wij haar woning in Sedona krijgen. Prima voorstel hoor, wat ons betreft. Natuurlijk hebben we dit verhaal later die dag gemaild aan Melanie en Rob; Melanie was overigens wel heel benieuwd of Rob, die nog bij ons woont, bij de woningruil was inbegrepen...

Rondom Sedona zijn heel veel wandelroutes aangelegd, tijdens de voorbereidingen heb ik er een hele klus aan gehad om alle informatie te lezen en een keuze te maken. Eén van de hikes die me wel aansprak was die naar Devils Bridge, een niet al te lange wandeling naar een natuurlijke brug. Mooi om ons bezoek aan Sedona mee te beginnen. Via de onverharde Vultee Arch Road reden we naar het beginpunt van de trail; de kwaliteit van die weg viel ons overigens best wel tegen. Behoorlijk wat keien en gaten, we waren blij dat onze X-Terra wat hoger op z'n wielen staat dan een gewone personenauto.  Devils Bridge Trail copyright © hanz meulenbroeksNa ruim 2 kilometer hobbelen over de onverharde weg bereikten we de parkeerplaats en konden we ons gaan voorbereiden op onze eerste trail van deze vakantie. We hebben daarvoor altijd best wat tijd nodig, eerst moet er flink gesmeerd worden met zonnebrandolie, en daarna kunnen de heuptassen worden ingericht.Dat begint onvermijdelijk met de vraag: welke lenzen zullen we hier nodig hebben, gevolgd door de afweging: moet er wel of geen standaard mee? En dan natuurlijk de filters, een poetsdoekje, extra stickies en batterijen voor zowel Hans z'n toestel als het mijne, iets te eten voor onderweg, een afvalzakje, flessen water, mijn vissershoedje, Hans z'n pet, de zonnebrandolie en de GPS. Dan nog even mijn onmisbare wandelstokken uit de auto pakken, en natuurlijk de fototoestellen zelf! Als de heuptassen goed zijn omgesnoerd kan de auto op slot, en kunnen we eindelijk vertrekken. Helaas bleek dit hele ritueel tijdens het begin van de vakantie nog niet altijd soepel te verlopen, het is diverse keren voorgekomen dat we er onderweg achter kwamen dat we toch iets vergeten waren. Deze keer was dat dus de GPS... Ach, niet erg, er zouden vast wel bordjes staan waarop we konden zien hoe de route verliep. In het begin was de route inderdaad heel duidelijk, maar op gegeven moment bereikten we een plek vanwaar een pad naar links verder ging en een ander, wat vager pad, schuin naar boven. En nee hoor, er stond geen bordje waarop was te zien welk van die twee paden we moesten hebben. We gingen er vanuit dat we het meest duidelijke pad zouden moeten hebben, maar toen we even later aan de onderzijde van Devils Arch uitkwamen in plaats van aan de bovenkant, wisten we dat we verkeerd hadden gegokt. Niet erg hoor, we vonden het leuk om de arch ook van deze kant te zien en zo heel ver hoefden we niet terug te lopen. De goede route, omhoog dus, was voor mij niet echt makkelijk. Maar ja, ik ben dan ook iemand bij wie vroeger op school het laagste rapportcijfer onvermijdelijk achter het vak 'lichamelijke opvoeding' stond, dus als ik iets moeilijk vind, dan zegt dat nog niets over de daadwerkelijke moeilijkheidsgraad.  Devils Bridge copyright © hanz meulenbroeksHet moet voor de meeste mensen toch wel mogelijk zijn om de bovenzijde van Devils Arch te bereiken, want mij is het - met hier en daar een beetje hulp van Hans - ook gelukt! En daar was ik heel blij mee, het uitzicht over het rode rotsenlandschap was de moeite meer dan waard. De arch, de vele groene bomen, de rode rotsen... het vormde samen een prachtig plaatje. Na deze prima hike hielden we even een korte pauze in onze motelkamer in Sedona, en daarna gingen we een hapje eten. En vervolgens weer op pad, ik had deze eerste dag meteen al lekker vol gepland. We reden naar het plaatsje Oak Creek, ten zuiden van Sedona. Van daaruit konden via een onverharde weg een van de bekendste zonsondergangplekken van deze omgeving bereiken, Red Rock Crossing. Maar het eten nam wat meer tijd in beslag dan verwacht, wegwerkzaamheden tussen Sedona en Oak Creek zorgden voor wat vertraging, het schoot niet op... en dat net op een moment dat je ergens precies op tijd wilt zijn. Gelukkig klopte de routebeschrijving precies, we vonden de parkeerplaats die in mijn informatie stond vermeld en ook Red Rock Creek, het kreekje waar rond zonsondergang een mooie weerspiegeling van Cathedral Rock te zien zou zijn. "Volg de oever van de rivier"... zo had ik genoteerd. Maar er was zoveel begroeiïng direct naast de oever, daar konden we helemaal niet lopen. Er liep wel een pad iets verder van de oever vandaan, dus zijn we dat maar gaan volgen, in de hoop verder weer dichter bij Red Rock Creek uit te komen. Ondertussen daalde de zon alsmaar verder, en daarmee ook onze hoop om een mooie fotoplek te vinden. Het was inmiddels wel duidelijk dat we verkeerd zaten, dus zijn we maar weer omgedraaid. Om er vlak bij de parkeerplaats achter te komen dat we het kreekje eerst over hadden moeten steken, aan de andere zijde konden we de oever wel volgen. Tja, toen we uiteindelijk op de goede plek stonden was het dus al te laat... het ideale fotomoment was inmiddels voorbij. Jammer. Maar ook zonder mooie foto's kunnen we gelukkig wel zeggen dat dit een hele mooie omgeving is.

Op de weg terug naar ons motel kwamen we, aan de rand van de bebouwing van Oak Creek, zowaar een coyote tegen. Dat hadden we hier echt niet verwacht, en dat maakt zo'n moment daardoor nog extra leuk. Het was een mooie afsluiting van een drukke, maar wel zeer geslaagde eerste vakantiedag.

Dag 3 : dinsdag 22 april : Sedona

Gereden : 50 mijl  (waarvan 10 mijl dirtroad)
Soldiers Pass Arches Trail : 4 mijl
Cathedral Rock Trail : 0,8 mijl

Schnebly Hill Road copyright © hanz meulenbroeksWe wisten van te voren dat de Schnebly Hill Road geen makkelijke weg is om te rijden, maar dat het wegoppervlak zó slecht zou zijn, dat hadden we toch echt niet verwacht. Qua keien en gaten riep het levendige herinneringen op aan onze rit over de Shafer Trail in Canyonlands, twee jaar eerder. Al waren de afgronden naast de weg hier net wat minder dramatisch, toch wel een belangrijk verschil uiteraard. Wat deze rit helemaal geweldig maakte, dat waren de uitzichten over Sedona en de omringende rotsen. Dat betekende dus: vaak stoppen en uitstappen, en even lekker van de omgeving genieten. Na ongeveer vijf mijl rijden bereikten we het hoogste punt van de weg, toen we nog een beetje verder reden werden de uitzichten al snel minder spannend. Tijd dus om om te draaien en naar Sedona terug te rijden. De terugweg vonden we zelfs nog mooier dan de heenweg, omdat we nu de vergezichten voor ons hadden. En al hebben we dus maar 10 mijl gereden, de Schnebly Hill Road heeft ons toch wel twee uur bezig gehouden. Echt een aanrader, maar alleen als je een high clearance auto hebt en een beetje hobbelen en schudden niet bezwaarlijk vindt!

Schnebly Hill Road copyright © hanz meulenbroeksHet was nog steeds lekker vroeg, kwart voor 10 ongeveer, toen we in Sedona weer aan ons 'we gaan hiken'-ritueel mochten beginnen. De Soldiers Pass Arches Trail stond op het programma, de gegevens over die trail hadden we gevonden in het boek "Photographing the Southwest" van Laurent Martres. Tijdens het eerste stukje van de trail passeerden we achtereenvolgens een sinkhole (een groot gat in de grond dat is ontstaan doordat ondergrondse lagen zijn opgelost en weggespoeld) en zeven kleine ronde gaten in de rotsbodem, die deels met water waren gevuld. De Seven Sacred Pools, zo worden die genoemd. Het was wel even zoeken hoe we van daar uit verder moesten lopen, net als gisteren bij de Devils Bridge Trail stonden er geen bordjes, terwijl we toch echt uit meerdere richtingen konden kiezen. Ik zag een vrouw lopen die er niet als toerist uitzag. Ha mooi, een lokale bewoonster, zij zou ons vast wel kunnen helpen, dacht ik. Maar toen ik haar aansprak: "Excuse me, ma'm, may I ask you something...", kreeg ik alleen een bits "No" toegesnauwd. Nou ja zeg...... Gelukkig was de chauffeur van een jeep, die even later bij de Seven Sacred Pools stopte om een stel toeristen daar rond te laten kijken, wat behulpzamer. Schnebly Hill Road  copyright © hanz meulenbroeksEn zo wisten we dus dat we het bospad, dat rechts van de Sacred Pools lag, in moesten lopen. Daar op dat bospad kwamen we die 'vriendelijke' mevrouw weer tegen, we waren toch wel erg verbaasd dat zij nu óns aansprak met de vraag of wij wisten hoe laat het was. Ik keek op mijn horloge... "It's half pa...." "Past ten", had ik dus willen zeggen, maar mevrouw was me inmiddels al straal voorbij gelopen! Wat een vreemd mens... ach, je weet niet waarom ze zo doet dus ik nam het haar maar niet kwalijk.  Seven Sacred Pools copyright © hanz meulenbroeksDe wandeling was heel afwisselend, na het bospad liepen we nog een stuk via een droogstaande wash, en daarna moesten we een slickrock plateau oversteken vanwaar we weer van die prachtige rode rotsen rondom ons zagen. En het laatste stuk was weer anders, een flinke klim via een dicht begroeide helling omhoog, waarbij eigenlijk geen echt pad meer zichtbaar was. Kort voor ons liep een gezin met twee jonge kinderen, de kleinste zat bij moeder op de rug, in een draagzak. Het was duidelijk dat ze hetzelfde doel voor ogen hadden als wij: we zagen hen onderweg in het boek van Laurent Martres bladeren! Dat doel, de 'grotachtige arches' die Martres in zijn boek beschrijft, viel overigens wat tegen. Het waren een paar rotsbogen die, een beetje verborgen achter de bomen, tegen een overhangende rotswand aan zaten. Gelukkig maar dat de wandeling zelf erg mooi was, want voor deze bogen zelf hadden we zo'n lange tocht niet hoeven te ondernemen. Maar ja, we waren er nu toch, dus Hans ging toch maar wat foto's maken. Ik ben er ondertussen even bij gaan zitten, even wat uitrusten en een lekker frisse appel eten. Ook de jonge vrouw had, samen met haar twee kinderen, een plekje uitgezocht om even te gaan zitten. Het was toch wel een zware tocht geweest, met de kleine op haar rug, zo liet ze me weten. Nou, dat kan ik me wel voorstellen... ik zou het haar niet hebben nagedaan! We hebben even gezellig zitten kletsen samen, over het boek van Laurent Martres, over de plekken die we al hadden gezien en over wat we nog allemaal van plan waren. Soldiers Pass Arch copyright © hanz meulenbroeksZe was wel jaloers toen ze hoorde dat wij maar liefst vier weken vakantie hadden, haar man en zij moesten het met 8 vrije dagen doen! Toen Hans genoeg foto's had gemaakt en ik weer was uitgerust, namen we afscheid van het aardige gezin en begonnen we aan de terugweg. Op het moment dat we de parkeerplaats weer bereikten hadden we er ruim 6 kilometer op zitten, we konden weer trots zijn op ons zelf! 's Middags hebben we even een welverdiende pauze genomen op onze motelkamer, 's avonds gingen we weer een poging doen om een mooie zonsondergang op de foto vast te leggen. Ik had daarvoor weer een hike gepland, de Cathedral Rock Trail. Tijdens het begin van de trail zagen we een groepje van vier mensen, drie vrouwen en een man, die met een of andere meditatie bezig waren. Eerst stonden ze daar in een soort trance, even later lagen ze alle vier languit op hun rug, met hun hoofden bij elkaar, plat op de rotsbodem. We waren niet echt verrast, want ik had op diverse plaatsen gelezen dat Sedona een sterke aantrekkingskracht uitoefent op allerlei zweverige types; sommige rotsen in dit gebied zouden speciale krachten hebben. Ook Cathedral Rock is zo'n vortex, zo weet ik inmiddels. Vraag me niet wat dat woord betekent, daar heb ik me niet in verdiept hoor. Ik heb niet zo'n behoefte aan dat zweverige, ik sta liever met m'n beide voeten stevig op de grond. Maar laat nou net dàt niet lukken, tijdens onze wandeling! Het slickrock waarover we naar boven moesten klimmen was erg steil, en - doordat er veel los zand op lag - ook erg glad. De klim was eigenlijk veel te moeilijk voor me, ik had continu het gevoel dat ik weggleed en ik voelde me steeds onzekerder worden. En toen we, kort voor de top, ontdekten dat het laatste stukje nóg moeilijker was, ben ik afgehaakt. Nee hoor, als ik daar naar boven ga durf ik echt niet meer terug! Sterker nog, volgens mij durf ik ook niet meer omlaag via de route waarover we net naar boven zijn geklommen. Niks 'met beide voeten op de grond' maar in de plaats daarvan al zittend op m'n kont, ben ik naar beneden gegleden.... Met de nodige moeite (en dankzij de hulp van Hans, uiteraard) slaagde ik er in om heelhuids beneden te komen. Wel balen natuurlijk, dat we nu voor de tweede avond op rij de geplande zonsondergang hadden gemist.

 
Dag 4 : woensdag 23 april : Sedona - Holbrook

Gereden :  171 mijl  (waarvan 10 mijl dirtroad)
West Fork of Oak Creek Canyon Trail :  8,9 mijl

 West Fork of Oak Creek Canyon copyright © hanz meulenbroeksWij zijn dus echte woestijn-, rots- en stofliefhebbers... zet ons op een dirtroad in een mooie rotsomgeving en je hebt geen kind meer aan ons! Dus of de West Fork of Oak Creek Canyon Trail wel iets voor ons zou zijn, daarover had ik vooraf toch m'n twijfels. Veel bomen en planten, een kreekje..... vast heel mooi maar uh.... geen stof hè! We besloten om het desondanks toch maar eens te gaan proberen, en ik kan gerust stellen dat we daar geen seconde spijt van hebben gehad: de trail was prachtig, schitterend gewoon, en we hebben er volop van genoten.

Het is een populaire wandeling, en we zijn heel vroeg op pad gegaan omdat we de eventuele drukte voor wilden zijn. Er stonden al verschillende auto's op de parkeerplaats bij de trailhead, maar druk was het gelukkig nog niet. Na een paar minuten lopen bereikten we het kleine beekje Oak Creek, en we waren meteen helemaal verkocht. Wat een heerlijke omgeving was dit om te lopen, zo tussen de bomen door, met steeds dat beekje naast ons. Op verschillende plaatsen moesten we Oak Creek oversteken, er lagen dan takken en keien waar we overheen moesten lopen. En omdat die soms behoorlijk glad waren, zeker de keien waar wat mos op stond, was dat soms best een hachelijke onderneming! Vooral voor ons ego, het grootste gevaar dat we liepen was een nat pak. Maar we hebben het droog gehouden, al was dat voor ons allebei op één moment meer geluk dan wijsheid.

 West Fork of Oak Creek Canyon  copyright © hanz meulenbroeksNa elke bocht en bij elke oversteek zagen we weer nieuwe fotogenieke plekjes, en onze fototoestellen draaiden overuren. Maar o jee, frustrerend, het bleek ongelooflijk moeilijk te zijn om al dat moois goed op de foto te krijgen. Er waren zoveel licht- en schaduwplekken, steeds was er wel iets te fel of juist te donker op de foto.

Ongeveer tegelijk met ons liepen er ook twee meiden van een jaar of twintig langs het beekje. Van die echte giebelgeiten, ze hadden de grootste lol samen. Op gegeven moment waren ze ons een stukje voor, hoorden we opeens een boel gegil.... gevolgd door heel hard lachen...
Okay, we hoefden dus niet snel naar ze toe te rennen om hulp te gaan bieden. Even later zagen we ze op een zandbank staan, een van de meiden was kletsnat. Ja hoor, onderuit gegaan tijdens een oversteek.

 West Fork of Oak Creek Canyon  copyright © hanz meulenbroeksGelukkig maar dat het zo'n mooi weer was, die kleren droogden wel weer op. Ze lieten zich er ook niet door weerhouden om verder te lopen, we kwamen ze nog verschillende keren tegen. Op sommige plekken lag het pad iets hoger, en raakten we de beschutting van de bomen kwijt. Ik zag een erg mooie picknickplek, op een uitstekende rotspunt vrij hoog boven het beekje. Maar daar bleken we dus echt vol in de wind te zitten.... ijskoud was het opeens. We zijn dus toch maar even verder gelopen, en langs de oever vonden we een geweldige plek om even te gaan zitten en wat te eten. Volgens onze GPS hadden we nu ongeveer 5 kilometer gelopen, dit zou dus het einde van de officiële trail moeten zijn. Maar we vonden het zonde, echt zonde, om nu al te stoppen. Dit was nu net een van de allermooiste stukken, we wilden toch wel heel graag weten hoe het even verderop zou zijn.

Nou, koud dus! We bereikten een bocht direct naast een imposante rotswand, en blijkbaar kan de zon dat gedeelte nooit bereiken. Er lag nog zelfs nog sneeuw, en het was er echt vreselijk koud. Even later kwamen we weer in een wat zonniger gedeelte, en dat scheelde heel wat graden. Hoe verder we kwamen, hoe lastiger de wandeling werd.  Meteor Crater copyright © hanz meulenbroeksHet pad werd hier veel minder gebruikt, dat was duidelijk te zien. En het begon toch ook wel tot ons door te dringen dat we dat hele eind dat we inmiddels gelopen hadden, ook weer terug moesten. Uiteindelijk, toen onze GPS ons meldde dat we er ruim 7 kilometer op hadden zitten, zijn we toch maar omgedraaid.Tijdens de terugweg kwamen we regelmatig andere mensen tegen, maar al met al viel de drukte me toch wel heel erg mee. Misschien is het tijdens de zomer wel anders, maar nu was het gewoon een heerlijk rustige wandeling. Op gegeven moment zag ik een schitterende vogel in het water staan, het beest bleef een paar minuten wat rondhoppen en we hadden zo alle kans om wat foto's te maken. Een soort reiger was het, denk ik. Na een tijdje vloog het dier weg en konden wij het laatste stukje van onze trail afmaken. Via de mooie 89-Alt reden we naar het noorden, om vervolgens via Interstate 40 in oostelijke richting verder te gaan. Onderweg hebben we een kort bezoek gebracht aan Meteor Crater; dat is een van de meest bekende inslagkraters ter wereld. Ongeveer 50.000 jaar geleden is hier een meteoriet ingeslagen, volgens de wetenschappers was die meteoriet 50 meter groot en woog ie zo'n 300.000 ton. Dat zal een behoorlijke klap gegeven hebben! We hebben even bij het enorme gat staan kijken, maar eigenlijk drong het niet eens tot ons door hoe groot het daadwerkelijk was. Dat beseften we pas toen we, door een verrekijker, een astronaut op de bodem van de krater zagen staan (een pop hoor, geen echte!). Daardoor kregen we het juiste perspectief pas te pakken. Nog even de cijfertjes, voor wie het graag wil weten: de krater heeft een doorsnede van 1300 meter en is 170 meter diep. Natuurlijk liepen we ook nog even het Visitor Center binnen, waar we heel vluchtig de tentoonstelling hebben bekeken. De film die daar wordt vertoond hebben we maar overgeslagen, daar hadden we geen van beiden echt belangstelling voor.

Dertien mijl ten noorden van het plaatsje Winslow ligt het kleine, onbekende Little Painted Desert County Park. Het wordt beheerd door de Navajo Indianen en, vreselijk jammer, ze laten het helemaal verslonzen. Bij de picknicktafels lag enorm veel rommel, op de weg lag (geloof het of niet) een versleten bankstel op z'n kop, en de 2 mijl lange scenic drive was afgesloten.  Little Painted Desert copyright © hanz meulenbroeksWat ongelooflijk zonde, want verder ben ik echt enorm enthousiast over dit park. Vanaf het uitkijkpunt zagen we schitterende, kleurrijke badlands voor ons liggen. Vorig jaar in Badlands National Park hebben we al veel van dit soort uitzichten gezien, en Little Painted Desert kan de vergelijking daarmee glansrijk doorstaan. Het tijdstip waarop we aankwamen, de late namiddag, was helemaal perfect. De zon stond achter ons, en de badlands stonden prachtig in het licht.  Little Painted Desert copyright © hanz meulenbroeksNu heeft Hans thuis een stel CD-tjes gebrand, zodat we tijdens de lange ritten genoeg mooie muziek zouden hebben. Ik wist niet precies welke nummers hij zoal had opgenomen, dus het was elke keer weer een verrassing wat ik te horen zou krijgen. Terwijl we daar bij de badlands stonden, vlak bij de auto met de muziek nog aan, was ik toch wel heel verbaasd dat ik geen Anouk, Red Hot Chili Peppers en zelfs geen John Denver kreeg voorgeschoteld, maar de Carmina Burana .... Gek genoeg, op een of andere manier klopte het precies, die muziek hier op deze plek. Na ons zeer geslaagde bezoek aan Little Painted Desert reden we door naar Holbrook, waar we een motel zochten. Op de parkeerplaats van de Super 8 werden we aangesproken door een armoedig uitziende Native American, een al wat oudere man, die vroeg of wij drugs hadden. Akelig hoor, zo'n ontmoeting. Wat voor een leven heeft deze man gehad, vraag je je dan af. We zijn maar gauw naar binnen gegaan, ik voelde me toch niet helemaal op m'n gemak. Maar ook binnen was de sfeer niet echt lekker, wat een chagrijnige receptioniste hebben ze daar zeg. Dat zie je niet vaak in Amerika, iemand die zo zichtbaar met tegenzin haar werk doet, de mensen die voor ons aan de balie stonden werden afgesnauwd en ook naar ons toe kwam ze heel verveeld en ongeïnteresseerd over. Eenmaal op onze kamer merkte ik dat ik mijn knieholtes flink had verbrand.... dat was vast gebeurd bij Little Painted Desert toen we met onze rug naar de zon hadden gestaan. Tja, het waaide daar ook zo verschrikkelijk hard, dan voel je de hitte van de zon helemaal niet. Ik heb heel wat verkoelende gel nodig gehad, die avond.
 
Dag 5 : donderdag 24 april : Holbrook - Tuba City
Gereden : (225 mijl) (geen dirtroad)
Blue Mesa Trail : 1 mijl
Long Loggs Trail : 0,6 mijl

 copyright © hanz meulenbroeksTiponi Point, Tawa Point, Kachina Point... allemaal heel mooi klinkende namen. Het zijn uitkijkpunten die allemaal in het noorden van Petrified Forest National Park liggen, en ze bieden zicht op een uitgestrekt gebied met badlands. Helaas, het uitzicht was veel minder mooi als dat de namen vooraf suggereerden, deze badlands vallen echt in het niet bij die van Little Painted Desert, waar we gisteren nog stonden. Wat verder naar het zuiden reden we tussen een aantal piramidevormige rotsen door, the Tepees. Die waren best aardig om te zien, maar we hadden nog steeds niet het gevoel dat we hier midden in een Nationaal Park zaten.

 Blue Mesa Trail copyright © hanz meulenbroeksGelukkig maar dat we, kort voorbij The Tepees, nog een hike hadden uitgezocht. Want van de Blue Mesa Trail gingen onze hartjes weer sneller kloppen, dit was echt een plek voor ons. Vanaf de parkeerplaats liepen we via een verhard pad steil omlaag, en even later bevonden we ons midden tussen kale, paars-grijze heuvels van klei. Met daarop her en der verspreid kleine stukken versteend hout. Een leuke trail om te lopen, heel eenvoudig ook. Behalve dan dat laatste steile stukje terug naar de parkeerplaats, dat voelden we flink in onze kuiten!

Natuurlijk mag je in Petrified Forest de grote concentraties versteend hout niet overslaan, daaraan heeft het park immers haar naam te danken. Dus maakten we een stop bij de trailhead van de Long Logs Trail. Op de achterbank van onze auto ligt altijd een grote rugzak, die helemaal in vakjes is ingedeeld. Daar gaan onderweg onze fotospullen in, de twee fototoestellen elk in een apart vak, de lenzen, de overige spullen... allemaal hebben ze een eigen plekje.  Blue Mesa Trail copyright © hanz meulenbroeksHans pakte zijn toestel uit de tas, en op datzelfde moment zie ik iets met een grote boog de auto uit vliegen en op het asfalt vallen. Mijn fototoestel!! Het stuiterde nog een keer omhoog, en bleef toen heel zielig naast het voorwiel van de auto liggen. Ik begreep meteen wat er gebeurd was... de draagriem van Hans z'n toestel moet onder mijn toestel hebben gelegen, dus op het moment dat hij zijn toestel oppakte kreeg dat van mij een flinke zwieper. Ik schreef het ding meteen af, het was onmogelijk dat het zo'n val kon hebben overleefd. Balen natuurlijk, ten eerste omdat het toestel nog maar een paar maanden oud was, maar nog veel meer omdat dit al op de vierde dag van de vakantie gebeurde....

Hans zette mijn toestel aan, de lens kwam zowaar nog naar buiten. Maar terug naar binnen, nee, dat deed ie niet meer. Volop proberen natuurlijk, maar er was geen beweging meer in te krijgen. Tja, uiteindelijk moet je toch maar je schouders ophalen en besluiten om verder te gaan. Maar van de Long Logs Trail heb ik echt niet meer genoten hoor, het voelde maar kaal aan zonder fototoestel en de grote stukken versteend hout konden ons ook niet heel erg bekoren. Er liep ook nog eens een stel mensen met kinderen rond, geen kleine kinderen maar tieners, en die kids vonden dus dat ze best op de boomstammen mochten klimmen. Ze hadden geluk dat er geen ranger in de buurt was! En wij hadden pech, want wij stonden maar te wachten en te wachten totdat ze eindelijk eens weg zouden gaan, zodat wij wat foto's konden maken. Nou ja, Hans dan...

 Long Logs Trail copyright © hanz meulenbroeksToen we weer terug waren bij de auto ging ik meteen op mijn plekje voorin zitten. Maar Hans kon het niet laten, hij pakte mijn fototoestel nog eens een keer en probeerde opnieuw of hij nog beweging in de lens te krijgen. Tevergeefs, ik had niet anders verwacht. "Nou, dan maar met geweld...", hoorde ik hem zeggen, en met een boel gekraak duwde hij de lens terug het toestel in. Nou, als het net nog niet helemaal kapot was, dan nu zeker wel. Hans zette het toestel weer aan.... de lens kwam netjes naar buiten! En hij zette het toestel weer uit.... de lens ging keurig terug! Natuurlijk probeerde hij vervolgens ook of er überhaupt nog wel een foto gemaakt kon worden. Nou, die foto is dus mislukt. Maar dat lag niet aan het toestel, maar aan mij... ik stond er vreselijk op! Ongetwijfeld heb ik direct daarna veel vrolijker gekeken, toch wel heerlijk dat ik weer met mijn Powershot G9 op pad zou kunnen gaan.

We hadden nog een flinke rit te gaan, ruim 170 mijl naar Tuba City. Onderweg hebben we nog even een stop gemaakt in Winslow, even een broodje eten bij de Subway en wat boodschappen doen. Via State Route 78 gingen we vervolgens naar het noorden, en ook al was er niet heel veel te zien onderweg, we vonden het toch een erg mooie rit.  Long Logs Trail copyright © hanz meulenbroeksZo'n lekker lange weg recht voor je, daar heb ik altijd al een zwak voor gehad. Hier en daar wat mooie rotsen, wel op afstand allemaal. Terwijl we zo onze mijltjes aan het wegwerken waren, merkten we wel dat het weer flink was gaan waaien. Net zoals gisteren, bij Little Painted Desert. Een heel stuk voor ons zagen we, links van de weg, een grote dustdevil ontstaan. En dan bedoel ik dus écht een grote, we zagen het zand er flink in ronddraaien. De dustdevil verplaatste zich in de richting van de weg, en we zagen het al aankomen.... dit was een heuse collision course! En inderdaad, de enige dustdevil die hier in mijlen omtrek te zien was, raakte ons auto vol aan de zijkant. Dat ging hard zeg, we voelden de auto zelfs een kleine zwieper maken... maar goed dat Hans het stuur stevig vasthield!

Bij het dorpje Second Mesa ging de weg flink omhoog, we reden tussen prachtige geel gekleurde rotsen door. Verrassend hoor, we hadden van te voren echt geen idee dat dit zo'n mooie route zou zijn. We genoten dan ook volop. Alleen die wind, dat was wel een tegenvaller. We wilden eigenlijk naar Coal Mine Canyon, maar dat had zo geen enkele zin. Ik kon me maar al te levendig de foto's van Marjan van het Alles Amerika forum voor de geest halen, die daar ook ooit in een zandstorm had gestaan. Ze was er compleet gezandstraald, en had eigenlijk niet echt van de canyon kunnen genieten. We besloten dus maar om door te rijden naar de Quality Inn in Tuba City. Tot onze verbazing was het hartstikke druk daar bij de receptie. Er stond een hele rij mensen voor ons, was het hier voor niks of zo? We waren bang dat de kamers op zouden zijn tegen de tijd dat wij aan de beurt waren. Maar gelukkig, ze hadden nog een plekje voor ons op de eerste verdieping. Toen we weer naar buiten gingen, om onze spullen uit de auto te halen, leek het wel of het nog veel harder was gaan waaien. Daar stond ik in mijn korte broek en polootje, de wind sneed er dwars doorheen. Gelukkig maar dat mijn fleecejack helemaal bovenin mijn koffer bleek te zitten, anders had Hans toch echt in z'n eentje alles naar boven mogen sjouwen!

 
Dag 6 : vrijdag 25 april : Tuba City - St. George

Gereden : 311 mijl  (1 mijl dirtroad)
Hidden Pinyon Trail : 2 mijl

 Coal Mine Canyon copyright © hanz meulenbroeksHet was nog steeds vrij koud toen we - heel vroeg in de ochtend - weer wakker werden. Maar het zonnetje scheen al én het was windstil! We hoefden dan ook niet lang na te denken, we vertrokken meteen naar Coal Mine Canyon. Ik had op internet al diverse foto's van deze canyon gezien, en ik had er alle vertrouwen in dat wij dit een erg mooie plek zouden vinden. Maar op het moment dat we de canyon met eigen ogen voor ons zagen liggen, wist ik dat 'een erg mooie plek' een understatement is. Ongelooflijk, wat was dít fantastisch! Zoveel prachtige vormen, en dan al die kleuren. Rood, wit, grijs, zelfs blauwe tinten zagen we. En natuurlijk ook de gitzwarte koollaag waaraan de canyon haar naam te danken heeft.    Coal Mine Canyon  copyright © hanz meulenbroeksTijdens het plannen, thuis, hebben we overwogen om in Coal Mine Canyon af te dalen en daar een flinke wandeling te gaan maken. Maar de beschrijving van het pad waarover we omlaag zouden moeten had me aan het twijfelen gebracht. Steil, vaak wat glad, en erg lastig! Niets voor mij dus. Bovendien zou het minstens net zo mooi zijn om de canyon vanaf de rim te bekijken, een afdaling zou niet veel aan onze beleving toevoegen. Vandaar dus dat we de afdaling en de wandeling uit onze plannen hebben geschrapt, het werd alleen 'kijken vanaf de rim'. En dat hebben we dus heel uitgebreid gedaan, de rechterkant, de kop van de canyon, de linkerkant.... overal zijn we geweest. De rechterkant hebben we trouwens niet helemaal zonder kleerscheuren kunnen bereiken, we zijn (stiekem) door een afscheiding van prikkeldraad gekropen, en nu zitten er dus twee gaatjes in mijn favoriete korte broek. Ach, gelukkig staat 'er charmant uitzien' tijdens de vakantie niet echt hoog op mijn prioriteitenlijstje, dus ook mét gaatjes heb ik die broek nog heel vaak aangehad.

 Coal Mine Canyon  copyright © hanz meulenbroeksDiep beneden ons zagen we het wandelpad waarover we hadden gelezen, en Hans werd toch wel heel nieuwsgierig waar nu eigenlijk die afdaling te vinden zou zijn. Want ook al hadden we besloten om niet naar beneden te gaan, nu we hier daadwerkelijk stonden zag het er toch wel heel aanlokkelijk uit het tóch maar eens te gaan proberen. Vlak bij het prikkeldraad vond Hans een hele steile helling, dat leek de enige mogelijkheid te zijn om het wandelpad te kunnen bereiken. Maar die afdaling zag er zo moeilijk uit dat zelfs hij ervoor bedankte. Ach, ook zonder die afdaling waren we bijzonder tevreden, Coal Mine Canyon is een topper!

In 1995 hebben we een rit gemaakt die destijds diepe indruk op ons maakte, via de 89-Alt langs de Vermillion Cliffs. We waren heel benieuwd of we deze rit nu nog net zo mooi zouden vinden, we hebben sindsdien immers zoveel gezien... misschien vonden we de Vermillion Cliffs nu maar heel 'gewoontjes'. Nou, niet dus! Ook deze keer was het weer een geweldige ervaring om langs die machtige rotspartijen te rijden. Alleen was dat mooiste gedeelte van de rit wel een stuk korter dan ik het in mijn gedachten had, ik was helemaal vergeten dat de route ook nog door een bosgebied ging.  navajo bridge copyright © hanz meulenbroeks

Eigenlijk hadden we, om de lange rit wat te onderbreken, ook nog een wandeling willen maken. In mijn draaiboek (150 pagina's!) stond dat er vlak voorbij Marble Canyon een slotcanyon zou moeten liggen, Cathedral Wash genaamd. Ik had op twee verschillende internetsites informatie gevonden, volgens de ene site zou de trailhead te vinden bij een parkeerplaats 2 mijl voorbij Marble Canyon, de andere site had het ook al over een parkeerplaats, maar dan 4 mijl voorbij Marble Canyon. Allebei schreven ze dat er een bordje met de tekst "Eroding Cliffs" op die parkeerplaats zou staan. Nou, dat leek niet al te moeilijk te worden. Gewoon even stoppen bij elke parkeerplaats en zoeken naar dat bordje. Maar toen we Marble Canyon al 6 mijl achter ons hadden liggen, hadden we het nog steeds niet gevonden. Wij weer terug.... we zijn op elke parkeerplaats en alles wat daarop leek gestopt, maar nee hoor, géén bordje en ook niets dat leek op een trailhead. Jammer, we hadden echt wel zin om even de auto uit te gaan en een eind te lopen. Hidden Pinyon Overlook  copyright © hanz meulenbroeks

Dus besloten we om een andere hike te gaan doen, eentje die we eigenlijk pas voor de zondagochtend hadden gepland. We reden naar het kleine Snow Canyon State Park, dat zo'n beetje door de oprukkende bebouwing van de stad St. George wordt omsingeld. Het ene moment zaten we nog in een gloednieuwe, dure woonwijk. En een paar minuten later reden we zomaar een prachtige canyon binnen, met links en rechts van ons hoge rotsen van Navajo Sandstone. We waren blij dat we weer een stuk konden gaan lopen, sinds ons vertrek bij Coal Mine Canyon hadden we alweer zo'n 250 mijl in de auto gezeten.

Tijdens het begin van de Hidden Pinyon Trail hadden we even iets van, hmmmm, is dit alles? Een vlak, netjes geasfalteerd pad dat parallel aan de weg loopt spreekt ons immers niet zo aan. Hidden Pinyon Overlook copyright © hanz meulenbroeksMaar we klaagden te snel... het asfalt maakte plaats voor een rotsachtig pad, en we liepen niet meer langs de weg maar midden tussen zandstenen rotsen en mooie woestijnplanten. We moesten zelfs nog even over een rotsblok heen klimmen, in een smalle doorgang.Via een zijpad maakten we een omweg naar de Hidden Pinyon Overlook, vanaf dat hoog gelegen punt hadden we een geweldig uitzicht over het park. Rondom ons zagen we het roodbruine zandsteen, met daarop veel zwarte stukken lavasteen. En op de achtergrond hogere, licht gekleurde rotsen. Toen we weer terugliepen naar de auto zag ik opeens een grote hagedis over de grond kruipen, jee wat een mooi beest was dat. Zo'n bijzondere hagedis had ik nog nooit eerder gezien, met een prachtige tekening op de schubben. Heel lichtrose, gecombineerd met zwart. Het beestje sjokte langzaam verder, en wij hadden dus volop de gelegenheid om het op de foto te zetten. Plotseling draaide de hagedis zich naar ons om, z'n tong schoot naar buiten en hij siste heel hard.... O jee, blijkbaar kwamen we heel bedreigend over, dat was nu ook weer niet onze bedoeling. We hebben onze lizard dus verder maar met rust gelaten. En dat was maar goed ook, zo zijn we later te weten gekomen. Een bezoeker van onze site maakte ons er op attent dat we een Gila monster hadden gezien, een zeer giftige hagedis! Zijn wij, achteraf gezien, blij dat Gila monsters zo ontzettend traag zijn…..

We hadden het wel gehad, voor vandaag. We zijn na de wandeling het park weer uitgegaan, St. George was vlakbij en de Super 8 had een goedkope kamer voor ons beschikbaar. Nog even een berichtje typen voor het thuisfront, een paar foto's uitzoeken om in het liveverslag te zetten, en daarna lekker naar bed.

 
Dag 7 : zaterdag 26 april : St. George - Little Finland - Springdale

Gereden :  224 mijl  (56 mijl dirtroad)

Little Finland copyright © hanz meulenbroeksWe wilden tijdens deze reis niet naar Nevada gaan, die staat viel net buiten onze route. Maar ja, dan lees je op gegeven moment een paar heel enthousiaste verhalen over het onbekende natuurgebied Little Finland. Een klein gebied met prachtige rotssculpturen, eenzaam en afgelegen, en alleen maar te bereiken via een lange, avontuurlijke rit over onverharde wegen. En dan begint bij ons het ongelooflijk te kriebelen en te jeuken.... wij willen toch wel verschrikkelijk ontzettend graag ook naar Little Finland toe! En ja hoor, met een beetje schuiven en schrappen wisten we een dagje in ons schema vrij te maken. En dus reden we op zaterdag 26 april vanuit St. George naar Nevada, waar we in de buurt van Mesquite de snelweg verlieten en de Gold Butte Back Country Byway opreden. Het eerste deel van de route was heel eenvoudig, eerst 21 mijl over een verharde weg en daarna nog eens 7 mijl via een brede gravelweg. En daar, op het moment dat we de zijweg naar de sinkhole Devils Throat opreden, begon het ´echte werk´. Dus werden de nodige hulpmiddelen tevoorschijn gehaald: het kaartje waarop de route stond uitgetekend, de routebeschrijving, de waypoints en natuurlijk de GPS. Ach, we hadden deze route thuis al zo minutieus bestudeerd, we konden Little Finland met onze ogen dicht nog wel vinden. Toch bleef het, ook na die intensieve voorbereiding, best wel spannend om daar door die zanderige rivierbedding te rijden. Overal waren er vertakkingen, maar we bleven steeds maar het breedste pad volgen dat - volgens onze GPS - de juiste richting in ging. Little Finland copyright © hanz meulenbroeksTussen de rode rotsen door, langs een corral af, een heel stuk met een grote mesa aan onze rechterkant, het klopte allemaal precies. Niet lang nadat we rondom die mesa heen waren gereden zagen we het einddoel voor ons liggen: de eenzame palmboom die aan de onderzijde van een plateau staat.

Toen we langs de auto stonden en omhoog keken, zagen we al diverse 'kleine vinnen' over de rand van het plateau heen steken. Nou, we hadden er erg veel zin in om die eens van dichterbij te gaan bekijken, dus we klommen aan de linkerkant naar boven. O jee, een omheining!! We schrokken ons wild, het zou toch niet zo zijn dat er onlangs iemand op het lumineuze idee was gekomen om Little Finland voor het publiek af te sluiten. Little Finland copyright © hanz meulenbroeksMaar nee, deze omheining stond er al een hele tijd, dat was goed te zien. En wij waren ook duidelijk niet de eerste personen die door die omheining heen kropen, de draden waren al zo ver verbogen dat we er makkelijk doorkonden.

En zo stonden we even later midden tussen de meest fragiele rotsformaties die we ooit hebben gezien. Hele dunne rotsplaten in allerlei grillige vormen, we keken onze ogen uit! Het is ongelooflijk teer en kwetsbaar, overal lagen afgebroken rotsplaten op de grond en we hoorden het onder onze voeten knarsen en knappen. Net of je over een vloer heen loopt die vol ligt met porseleinen scherven, zo voelde het aan. Little Finland copyright © hanz meulenbroeksWe liepen naar de rotswand aan de achterzijde van het plateau, en daar was heel goed te zien hoe de 'vinnen' zijn ontstaan. In de rotswand zat een kleine ondiepe kloof, en de zijkant daarvan bestond uit een gesteente dat helemaal in dunne lagen was gespleten. Ongetwijfeld het begin van een mooie, nieuwe rotssculptuur.

Natuurlijk hebben we heel wat tijd doorgebracht, daar op dat kleine plateau. Het was wel erg warm, en ik was dan ook blij dat er een flinke wind stond én dat er zo nu en dan wel wat schaduwplekjes te vinden waren. Toen we helemaal naar de rechterkant van het plateau waren afgedwaald zagen we bijna geen 'vinnen' meer, er lagen daar wel veel lage, ronde keien met een vreemde witte laag er bovenop. Het zal vast een zout- of kalkafzetting zijn geweest, gok ik. Het zag er wel erg mooi uit, het leek wel of het een beetje gesneeuwd had. Het plateau werd steeds smaller, en een eindje voorbij de 'besneeuwde' rotsen versperde de rotswand ons onherroepelijk de weg. Langs de rotswand af liepen we weer langzaam terug in de richting waar we vandaan kwamen; op gegeven moment zagen we een plek waar we vrij eenvoudig omhoog konden klimmen naar een net iets hoger gelegen plateau. Hé, ook hier stonden 'kleine vinnen' en zaten er van die mooie structuren tegen de rotswand aan. En al dwalend ontdekten we ook een flinke zijkloof in de rotswand, het was echt prachtig om daar in te lopen. Little Finland copyright © hanz meulenbroeksWel bloedheet, want de zon scheen recht die kloof in terwijl de wind juist geen kans zag om daar voor een beetje verkoeling te zorgen.Helemaal achterin kan je nog verder naar boven klimmen, maar het zag er voor mij allemaal veel te moeilijk uit. Hier deed ik even niet aan mee! Dus terwijl Hans op zoek ging naar nog meer mooie plekjes, perste ik me onder een hele smalle overhangende rots in het enige pietepeuterige schaduwplekje dat ik kon ontdekken. Dat vind ik dus heerlijk, om in zo'n omgeving lekker rustig om me heen te gaan zitten kijken. Genieten van de stilte en de mooie rotsen. Alleen bleef mijn mannetje wel erg lang weg, mijn schaduwplekje werd ondertussen steeds kleiner en ik moest mijn toevlucht nemen tot de zonnebrandolie die in mijn heuptas zat. Toen Hans eindelijk weer terug was - hij had geen nieuwe hoogtepunten meer ontdekt - was het toch echt tijd om terug te gaan naar de auto. Kwart over twee was het, toen we daar weer aankwamen. We hadden best nog een paar uur kunnen blijven, maar drie-en-een-half uur in die hitte, het was mooi genoeg zo!

Tijdens de terugweg maakten we nog even een korte stop bij de sinkhole Devils Throat. Wat zijn er toch veel natuurverschijnselen vernoemd naar de duivel, hier in dit land, ik ben zo ondertussen de tel kwijt hoeveel Devils dit en Devils dat we inmiddels al gezien hebben. Devils Throat is dus een diep gat in de grond, apart, maar niet iets waarvan ik zeg "dat moet je echt gezien hebben!" De Joshua Trees die we even later langs de Gold Butte Byway zagen staan, waren heel wat fotogenieker.

In de oorspronkelijke planning stond Snow Canyon State Park voor zondagochtend op het programma. Maar dat park hadden we al gezien, we reden St. George dus voorbij en kwamen zo - helemaal onverwacht - terecht in Springdale. We zagen bij diverse motels het weinig hoopgevende bordje 'No Vacancy' staan, maar gelukkig was er nog wel plaats in hetzelfde motel waar we twee jaar geleden ook al eens hadden overnacht: de Pioneer Lodge. Wel wat duurder dan de motels die we normaal gesproken uitkiezen, maar ach, voor een keertje moet dat kunnen, toch!


[Dag 1-7]  Dag 8-13   Dag 14-19   Dag 20-28 Grote foto's
Links Contact Disclaimer