Home Nationale ParkenBezienswaardighedenUpdate
Reisverslag 2011 ~ Pagina 2
All pictures © copyright hanz en henriëtte meulenbroeks
 
Dag 7 : dinsdag 3 mei : farmington - bisti badlands North - la plata badlands - farmington

Gereden : 100 mijl

© copyright  www.ontdek-amerika.nlIn 2009 schreef ik in ons reisverslag: “Ik heb zo het idee dat er ooit nog wel een derde bezoek zal volgen, zodat we dit fascinerend mooie gebied nog wat verder kunnen gaan verkennen.” En met "dit fascinerend mooie gebied" bedoelde ik dus de Bisti Badlands, die een mijltje of 40 ten zuiden van Farmington te vinden zijn. Het zal dus vast niemand verbazen dat Bisti ook tijdens deze reis een prominent plekje in onze planning had gekregen. We gingen voor de noordzijde deze keer, want dat deel hadden we nog niet gezien.

Voordat we aan onze hike begonnen hebben we – met de badlands al voor ons in zicht - eerst even naast de auto zitten ontbijten. En koud dat we het hadden…. op de Weather Channel hadden ze dan wel verteld dat het lekker weer zou worden vandaag, maar ze hadden er niet bij gezegd hoe laat! Volgens de temperatuurmeter in de auto was het nog maar amper 4 graden Celcius, niet echt lekker om te picknicken dus. We waren dan ook heel snel klaar met eten, we wilden meteen op pad zodat we het van het lopen wat warmer zouden krijgen.

We hadden één speciaal doel voor ogen, de rotsformaties die The Stone Wings worden genoemd. Zo’n 50 minuten nadat we aan onze wandeling waren begonnen, zagen we ze links voor ons op een lage heuvel liggen. Om eerlijk te zijn, het was niet helemaal het Wauw-moment waarop we hadden gehoopt…. de wings waren veel minder indrukwekkend dan we hadden verwacht. Dat lag vooral aan de grootte, of beter gezegd: aan het gebrek daaraan. We hadden duidelijk een verkeerd plaatje in ons hoofd gehad, op de foto’s die we hadden gezien leken ze veel groter.

 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

Maar, niet getreurd, Bisti had nog veel meer voor ons in de aanbieding dan alleen The Stone Wings. Er zijn hier zo ontzettend veel badlands, hoodoos en andere mooie rotsformaties te zien, dus ook tijdens dit derde bezoek hebben we weer volop genoten. Het was echt weer een ontdekkingstocht, waarbij we de ene na de andere mooie plek tegenkwamen. Zoals die grote versteende boomstam boven op een badlands-muurtje, echt supermooi. © copyright  www.ontdek-amerika.nlEn een smal, langwerpig dal waar tegen de wand aan honderden lichtgrijze hoodoos stonden; onder die hoodoos bevond zich een donkere badlands-wand die naar beneden toe steeds lichter werd. Eerst keken we van bovenuit het dal in, met een beetje moeite zijn we naar beneden geklauterd zodat we ook door het dal heen konden lopen en de uithoeken ervan konden bekijken. © copyright  www.ontdek-amerika.nlHet weer voor onze hike was echt ideaal; het was zonnig, de temperatuur was opgelopen tot iets boven de 20 graden Celcius, en er waaide een lekker briesje. De vesten die we tijdens het begin van de wandeling nog hard nodig hadden, waren al lang in de rugzak verdwenen. Het was dat er hier en daar – op de laagst gelegen plekken – nog wat kleine modderpoelen voorkwamen, anders zou je echt niet hebben gedacht dat het tijdens de afgelopen dagen zo’n slecht weer was geweest.

Net zoals de vorige twee keren hadden we er moeite mee om aan de terugweg te beginnen. Maar ja, we kunnen immers niet oneindig in Bisti rond blijven dwalen, dus zijn we toch maar weer – met hulp van onze GPS – richting de auto gelopen. Kort voordat we het einde van het Wilderness gebied bereikten zagen we nog een aantal vrij hoge, smalle rotsformaties die netjes op een rij achter elkaar lagen. Lichtgrijs gesteente met daar bovenop donkerbruine rotsen, echt een schoolvoorbeeld van de werking van erosie. En een geweldig plaatje om deze hike mee af te sluiten!

We reden terug naar Farmington, maar nog niet naar ons motel. We hadden namelijk nog een klein hoodoo-gebied vlak bij de stad op het oog, de La Plata Badlands. © copyright  www.ontdek-amerika.nlHelaas hadden we enkele dagen voordat we richting Schiphol waren gegaan informatie gekregen dat dit gebied voor het publiek zou zijn afgesloten, de goede raad die werd gegeven was om vooraf even bij het BLM-kantoor in Farmington langs te gaan. Tja, wij komen dus vaak aan bij zo’n kantoor met vragen waar men geen raad mee weet. En toen we vroegen of de La Plata Badlands publiekelijk toegankelijk waren, werden we weer heel vreemd aangekeken. “Uh…. de La Plata Badlands…..nóóit van gehoord!”, zo was het antwoord. Mike werd erbij gehaald, Mike met de grijze puntbaard. Want hij zou ons echt alles over de omgeving kunnen vertellen, zo verzekerde de dame achter de balie ons. Maar helaas, ook Mike kende de naam La Plata Badlands niet. Toen we uitlegden welk gebied we bedoelden  (het ligt heel dicht bij het BLM-kantoor), toen wist hij ineens wel waar we het over hadden. Dat er een hek bij de ingang stond, ja, dat klopte, zo vertelde Mike. Maar hij verzekerde ons dat dat geen probleem was, we mochten het hek gewoon open maken, zolang we het daarna maar netjes achter ons zouden sluiten. Nou, dat was heel goed nieuws voor ons.

Nu we hier toch waren, besloten we om ook maar eens te informeren of Mike wist waar we de King of Wings zouden kunnen vinden. © copyright  www.ontdek-amerika.nlEen rotsformatie in de stijl van The Stone Wings, maar dan dus wel groot, heel erg groot zelfs! De geheime locatie van de King of Wings is op dit moment echt een hot topic bij de bijzondere-plekken-jagers, waar wij onszelf toch ook wel toe mogen rekenen. Verdorie, we willen die rotsformatie zo ontzettend graag zien maar we konden maar niet achter de juiste locatie komen. Al hadden we, op grond van kleine stukjes en beetjes informatie die we bij elkaar hadden gesprokkeld, wel een idee waar de King zich ongeveer moest bevinden. En nu dan dus de vraag of BLM-Mike ons misschien verder zou kunnen helpen……

Hij wist ‘t! Absoluut, hij wist waar de King of Wings zich bevond, dat zagen we aan zijn reactie. Maar hij mocht het niet vertellen, al zei hij dat niet met zoveel woorden. Wat hij wel deed was even met zijn vinger over de landkaart gaan die we op de balie hadden liggen, hij had wel eens gehoord dat de King misschien daar ergens zou moeten zijn. Yes…. dit sloot perfect aan bij het idee dat we zelf al hadden!!! We wisten dat het nog steeds bijzonder moeilijk zou zijn om deze rotsformatie te vinden, de informatie was nog steeds erg vaag en het gebied waar we zouden moeten zoeken nog steeds veel te groot. Maar toch, het gaf ons voldoende moed om een poging te gaan wagen.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlMaar niet nu; het was immers te laat op de dag om nog aan zo’n avontuur te gaan beginnen en we hadden ook de La Plata Badlands nog op ’t programma staan. Een paar minuten nadat we bij de BLM waren vertrokken stonden we al voor het hek waarover we hadden gesproken.  Tja, Mike kon dan wel mooi vertellen dat we hier door mochten rijden, maar het was wél een hek met een flink hangslot en maar liefst twéé borden met de boodschap “No Trespassing” er op! Op bord 1 stond ook nog vermeld: “No dirt bikes or ATV’s allowed on property”, en op bord 2 werd medegedeeld dat “hunting or fishing” niet was toegestaan. Nou, wij hadden geen dirt bike en geen ATV, en ook op jagen of vissen zullen ze ons nooit betrappen. Dus we zijn, met de zegen van Mike, toch maar het gebied ingereden.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe waren hier niet alleen. Want op diverse plekken zagen we arbeiders die – voor zover wij het konden beoordelen – in dienst waren van een gas- en oliemaatschappij. Overal kwamen we pijpleidingen, ja-knikkers en werkmaterieel tegen. Wat een verschil zeg met de ongerepte natuur van de Bisti Badlands waar we nog maar een uurtje of twee eerder rondliepen. Gelukkig zagen we niet alleen de omgeving-verpestende apparatuur, maar ook nog mooie badlands en verspreid staande hoodoos. Gigantische hoodoos, mag ik wel zeggen, de eerste exemplaren die we tegenkwamen torenden hoog boven ons uit. We hebben de auto aan de kant gezet, en zijn door het open veld heen naar die hoodoos toe gelopen. Ondertussen hielden we ook een oogje op de arbeiders, toch even opletten of zij zouden reageren op onze aanwezigheid.

Blijkbaar was het einde werktijd, de arbeiders stapten in hun auto’s, reden onze auto straal voorbij, en gingen richting het hek. Wat bij Hans ineens een schrikreactie opriep….. aan dat hek hing een hangslot…… wat als die werklui e.e.a. af zouden sluiten aan het einde van de werkdag? We zijn gauw naar onze auto gelopen en teruggereden. De auto’s van de arbeiders waren inmiddels al lang en breed uit zicht, dus als ze het hek op slot zouden hebben gedaan, dan waren we toch al te laat met deze actie. Maar we hadden geluk….. het hangslot was niet gebruikt!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe hadden nog maar een heel klein stukje van de La Plata Badlands gezien, we durfden het nu wel aan om terug te gaan om ook de rest van het gebied te gaan verkennen. Ik had nog steeds een beetje moeite om in de juiste stemming te komen, het was duidelijk te zien dat het hier ooit prachtig moet zijn geweest, met al die badlands en hoodoos, maar het was echt aangetast allemaal. Sommige dirtroads waren helemaal kapot gereden door het zware werkverkeer, we zijn dan ook niet helemaal tot achter in het gebied geweest. Maar toch, ondanks de wat stroeve start betrapte ik mezelf er op gegeven moment op dat ik weer flink stond te genieten. We hebben diverse zijweggetjes verkend, en de hoodoos die we her en der tegenkwamen waren echt smullen voor ons. Op een van die plekjes stond ik te fotograferen, terwijl Hans wat verder was gelopen om te bekijken of daar ook iets te vinden zou zijn. Op dat moment kwam met een behoorlijke vaart een man op een crossmotor naar mij toe rijden. Achterop zat een jochie van een jaar of acht, negen. Ik schrok, verdorie zaten we hier nu toch weer op verboden terrein?

Hans had die crossmotor natuurlijk ook gehoord, dus hij kwam meteen teruglopen om te horen wat de man te vertellen had. Bleek het dus een hartstikke vriendelijke kerel te zijn, die had gezien dat wij aan het fotograferen waren en die ons nu heel graag kwam vertellen dat hij dit gebied zo ontzettend mooi vond, hij reed hier heel graag met zijn zoontje rond. Eén ding wilde hij ons zeker niet onthouden, als we nog even verder zouden rijden dan zouden we daar de allermooiste hoodoo die hij ooit had gezien kunnen vinden.

Kijk, dat zijn de tips waar wij iets mee kunnen. We bedankten de man voor zijn goede advies, stapten in de auto en reden in de richting die hij had aangewezen. We moesten nog een keer een zijweggetje nemen, maar toen we dat weggetje voor ons zagen durfden we het niet aan om daar in te rijden. Te smal, te zanderig en te steil! We zagen de hoodoo die de man bedoelde al wel staan, en Hans besloot om te voet verder te gaan. Ik bedankte voor de eer, en heb bij de auto even op hem gewacht. En van verre naar de hoodoo gekeken, en die was dus echt enorm groot. Ik heb nog een paar foto’s gemaakt terwijl Hans er direct naast stond, en zo hebben we dus kunnen zien dat hij er ongeveer 15x in past. Waarmee de hoodoo dus op een indrukwekkende 25 meter hoogte komt.

Dit prachtige exemplaar was ons laatste wapenfeit hier in de La Plata Badlands, ’t was weer een lange dag geweest en het werd tijd ons motel op te gaan zoeken. Laat ik besluiten met de opmerking dat Hans heel erg tevreden was toen hij de achterkant van onze auto bekeek, die was niet meer knetterwit maar lekker smerig. Kijk, zo hoort de auto er uit te zien!

 
Dag 8 : woensDAG 4 mei  : farmington - de na zin wilderness - lybrook badlands overlook - bloomfield

Gereden : 171 mijl

We wisten vooraf al dat de De-Na-Zin Wilderness minder mooi zou zijn dan de Bisti Badlands; het is een soortgelijk landschap maar dan met veel minder hoodoos en rotsformaties. Toch stond dit gebied al enkele jaren op ons verlanglijstje, als rechtgeaard badlands--liefhebbers wilden we het toch écht een keer gezien hebben. Dus trokken we ’s ochtends om 7 uur de deur van de motelkamer achter ons dicht, stapten we in de auto en reden we opnieuw – net zoals gisteren – via State Route 371 naar het zuiden. De afslag naar de Bisti Badlands reden we voorbij (met moeite, we hadden er zo weer naar toe gewild!), en even later gingen we linksaf via de onverharde County Road 7500. Hoewel we ons hier maar een klein stukje verder zuidelijk  bevonden dan gisteren, waren de gevolgen van het slechte weer hier veel duidelijker. Vooral in de berm lagen nog flinke plassen water, de weg zelf was – ondanks wat modderige plekken hier en daar – gelukkig wel goed begaanbaar.

 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

We bereikten dus zonder problemen de kleine parkeerplaats vanwaar onze hike zou gaan beginnen. Ondanks het vroege tijdstip waren we niet de eersten hier, er stond al een auto. Er lagen twee slaapzakken naast de auto, in één van die slaapzakken lag een kerel net wakker te worden, zijn maat stond al naast de auto. Ruige mannen waren ‘t , een beetje van die redneck-types. Ze wilden ook heel graag laten zien hoe stoer ze wel niet waren, ze hadden allebei een Colt bij zich en een van de mannen schoof bewust z’n jasje een beetje naar achteren zodat wij dat ding toch vooral heel goed zouden zien!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe zagen dat ze, net zoals wij, voorbereidingen aan het treffen waren om te gaan hiken. Wij waren wat sneller, dus op het moment dat wij de parkeerplaats verlieten waren de mannen nog bij hun auto bezig. Nu is het niet zo dat ik bang was dat ze ons iets aan zouden doen, ik neem het beeld dat Hollywood graag van dit soort mannen schetst niet al te serieus, maar toch…. we hebben wel extra goed gecheckt of onze paspoorten en creditcards toch echt wel in de rugzak zaten. En ik heb het kenteken van hun auto in m’n hoofd geprent…. toen ik dat aan Hans vertelde bleek dat hij op een soortgelijk idee was gekomen: hij had stiekem een foto van het kenteken gemaakt!

Vanaf de parkeerplaats liepen we een stukje via een pad door het open veld, even later begon het pad te dalen en ging het naar beneden een groot, ondiep komvormig dal in. En daar werd onze verwachting helemaal bevestigd, we zagen veel kleurrijke badlands maar niet veel rotsformaties. Ze waren er wel hoor, maar veel minder massaal dan in Bisti. Het landschap is wel veel weidser, en dat is op z’n eigen manier toch ook weer heel erg mooi. Door het dal heen liep een brede, droogstaande wash, en die zijn we een heel eind gevolgd. Zo nu en dan namen we een kijkje in een van de kleinere zij-dalen, en Hans is daar tegen de steile badlands op naar boven geklommen om een stel mooie hoodoos van dichterbij te kunnen bekijken. Naar beneden toe was makkelijker: hij heeft gewoon een heuvel als glijbaan gebruikt!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe zagen helemaal aan de andere zijde van het dal ook nog wat veelbelovende hoodoos boven op de rand staan. Van veraf waren die goed te zien, maar hoe dichterbij we kwamen, hoe meer ze aan het oog werden onttrokken door de lage heuvels die net voor de rand lagen. We zijn op diverse plaatsen tussen die heuvels door richting de hoodoos gelopen, maar het viel niet mee om er dicht bij te komen. Hans is er nog wel in geslaagd om naar een hele mooie groep toe te klimmen, terwijl hij daarmee bezig was ben ik lekker even in de schaduw gaan zitten.

In totaal hebben we zo’n 5½ mijl door De-Na-Zin heen gelopen. Het was geen hoogtepunt in onze vakantie, maar toch zeker wel een ervaring die we niet hadden willen missen. We zijn hier veel meer bezig geweest met de hike zelf, en minder met het fotograferen. Ik was wel blij toen we weer bij de auto terug kwamen, in de eerste plaats omdat ie er nog ongeschonden stond, en in de tweede plaats omdat ik de hitte en de vermoeidheid toch wel begon te voelen. ’t Is ook nooit goed hè, hebben we eindelijk warm weer en begin ik daar weer over te zeuren!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlHet was nog veel te vroeg om naar Farmington terug te gaan, we besloten dus om via County Road 7500 verder naar het oosten te rijden. Die weg eindigt aan State Route 550, waar we nog maar twee dagen geleden tussen de besneeuwde heuvels door hadden gereden. Even een kijkje nemen bij de dirtroad die richting het Lybrook Badlands Viewpoint gaat: eergisteren troffen we daar nog één dikke onbegaanbare laag modder aan, maar nu was het er hartstikke droog!!  Kijk, dat was nog eens een aangename verrassing, we hadden er eigenlijk niet op gerekend dat we het viewpoint tijdens deze vakantie nog zouden kunnen zien. Maar nu lieten we ons de kans er op natuurlijk niet meer ontgaan.

Klein probleempje…. de waypoints die we thuis al in onze GPS hadden gezet waren op onverklaarbare wijze verdwenen. Ik had ook nog een ouderwetse papieren routebeschrijving, na 1,2 mijl zouden we rechtsaf moeten, zo stond daar te lezen. We zagen wel twee wegen die naar rechts gingen, alleen de eerste kwamen we al na ongeveer 1 mijl tegen en de tweede na ongeveer 1,4 mijl. Welke was nou de goede? We gokten dat het de tweede zou moeten zijn, en in eerste instantie leek het er op dat we goed hadden gegokt. Want de routebeschrijving leek precies te kloppen: eerst scherp naar rechts, daarna een flinke bocht naar links, en dan nog een stukje verder tot aan het viewpoint. © copyright  www.ontdek-amerika.nlMaar vooral tijdens het laatste stukje, dus voorbij die bocht naar links, werd de route steeds lastiger. Er lagen overal pijpleidingen, het was duidelijk dat daar regelmatig auto’s overheen reden dus wij deden dat ook….. maar dat werd steeds moeilijker. Over die pijpleidingen stond niets in onze beschrijving, het gevoel dat we verkeerd zaten werd dan ook steeds sterker. Dus zodra het mogelijk was zijn we omgedraaid en teruggereden.

Nou, toch ook nog maar even de andere dirtroad naar rechts uitproberen. Ook deze weg ging scherp naar rechts, en ook hier konden we even later linksaf. En ja hoor, na anderhalve mijl bereikten we het slickrockplateau dat in de routebeschrijving vermeld stond. We hadden ons viewpoint gevonden! Wat zijn we blij dat we nog even hebben doorgezet, want het zicht over de Lybrook Badlands was echt adembenemend mooi. Overal waar we keken, diep beneden ons, zagen we schitterende badlands en rotsen. O wat een heerlijk vooruitzicht dat we daar morgen rond mochten gaan lopen, we hadden er sowieso al heel veel zin in en dat gevoel werd nu alleen nog maar sterker.

Het viewpoint is niet alleen maar één plek vanwaar je naar beneden kan kijken, je kan er nog best een stuk langs de rand van het slickrockplateau lopen waardoor je steeds weer een ander zicht hebt. En natuurlijk hebben wij dat gedaan, we hebben dan ook best nog wat tijd nodig gehad, daarboven. 

Het waaide er wel enorm hard, en de zon stond ook compleet verkeerd – recht tegenover ons. Het was dan ook nog een hele kunst om al dat moois beneden ons een beetje fatsoenlijk op de foto te krijgen. Na afloop hadden we geen zin om nog helemaal terug te rijden naar Farmington, we zijn dan ook in het plaatsje Bloomfield blijven hangen. De Best Western daar was wel flink wat duurder dan onze Travelodge in Farmington, maar ach, een keertje wat luxer overnachten is ook wel eens lekker.
 

Dag 9 : donderdag 5 mei : bloomfield - lybrook badlands - farmington

Gereden : 122 mijl

© copyright  www.ontdek-amerika.nlOmdat we afgelopen maandag de dirtroad richting de Lybrook Badlands al een keer hadden uitgeprobeerd, wisten we precies wat ons te wachten stond: een over het algemeen redelijk goed begaanbare route, met een paar onoverzichtelijke heuveltjes en hier en daar wat kapot gereden zijkanten. Kapot gereden door het zware werkverkeer dat ook van deze route gebruik maakt, in dit gebied is namelijk een aardoliemaatschappij actief. We waren benieuwd of we deze keer helemaal tot aan de parkeerplaats door zouden kunnen rijden, een paar dagen geleden waren we immers nog noodgedwongen gestopt bij een kreekje dat dwars over de weg heen liep. Toen stroomde er nog flink wat water doorheen, maar nu was ’t kreekje kurkdroog. Mooi, dat scheelde ons toch twee keer een halve kilometer lopen.

In de Lybrook  Badlands lopen geen trails, je moet er – net zoals in de Bisti Badlands – gewoon lekker rond gaan dwalen in de hoop mooie plekjes tegen te komen. We moesten wel vooraf een keuze maken welk deel van de badlands we wilden gaan bekijken, vanaf de route die wij hadden gereden zijn er drie dalen te voet bereikbaar. Op aanraden van de Amerikaan Mike Spieth, die het gebied goed kent , kozen we voor de middelste van de drie dalen. De eerste paar minuten liepen we over een oude Jeeptrail, daarna daalden we af in een brede, bochtige, droogstaande wash die we verder in oostelijke richting volgden. Links van ons zagen we de rotswanden waarachter de mooie dalen verborgen lagen, we moesten alleen nog zoeken waar ergens de opening in de rotswand zat. De GPS bleek een prima hulpmiddel te zijn, toch lekker als je ziet dat het waypoint waar je moet zijn steeds dichterbij komt.

We hebben er precies een half uur over gedaan om van de auto naar dat waypoint te lopen, precies op die plek lag inderdaad de ruime opening in de rotswand waarachter ons dal lag. En daar, meteen aan het begin van het dal, werden we dus verrast met een van de allermooiste plekjes die je je maar in kunt denken! Twee hoge rotsen die aan de onderzijde dezelfde voet delen, en die naar boven toe allebei uitlopen in een hele smalle punt. Twin Peaks, zo worden ze genoemd, en da’s een perfecte naam natuurlijk. Direct naast Twin Peaks stond een serie robuuste brede hoodoos op een rij. Eerlijk gezegd zit ik nu een beetje te zoeken naar de woorden om alwéér een groep hoodoos te beschrijven…. ik denk dat ik ’t maar laat bij de opmerking: Kijk naar de foto’s, dan zie je waarom wij hier weer ongelooflijk hebben staan genieten!

 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

Hoewel Bisti en Lybrook allebei ‘badlands en hoodoos’-gebieden zijn, zijn ze toch heel verschillend. Bisti is heel dor en droog, en om van de ene plek naar de andere plek te komen moet je voortdurend over heuveltjes heen klimmen. De Lybrook Badlands zijn groener, je komt op diverse plekken struiken en kleine boompjes tegen. Erg mooi, dat contrast met de omliggende badlands. En Lybrook is ook vlakker, in het dal zelf hoef je vrijwel nergens hoogteverschillen te overwinnen. Het dal bleek best klein te zijn, en het werd helemaal omsloten door een hoge rotswand. De meeste hoodoos lagen rechts achter in het dal, tegen die rotswand aan. Opnieuw heel mooi, maar niet zo spectaculair als Twin Peaks en de hoodoos die we bij de ingang al hadden gezien.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlNadat we het hele dal goed hadden verkend, zijn we weer teruggelopen naar de wash. Daar hebben we even flink staan twijfelen….. het was nog vrij vroeg, het achterste dal lag redelijk dichtbij….. het was dus o zo verleidelijk om daar ook nog naar toe te lopen. Maar ja, mijn voeten hè…. In onze vorige reisverslagen klaag ik nogal vaak over zere voeten, en inmiddels weet ik dat ik ‘gerechtvaardigd’ klaag. Mijn voeten zijn niet alleen veel te plat, ze knikken ook nog eens een beetje naar buiten toe. Waardoor er drukpunten ontstaan die de pijn aan mijn voeten verklaren. Met orthopedische zooltjes wordt een en ander nu wel gecorrigeerd, maar pijnvrij lopen zit er voor mij helaas niet meer in. Vandaar dus dat wij nu moesten besluiten om onze verkenningstocht door de Lybrook Badlands tot slechts één dal te beperken.

Terwijl we weer richting de auto liepen, zagen we in de verte nog een stel mooie rotsen staan. Hans is daar naar toe gelopen, terwijl ik lekker even onder een boompje aan de rand van de wash ben blijven zitten. Schoenen uit…. reep eten…. water drinken…. en genieten van de mooie omgeving, kortom, ik vermaak me wel als ik daar zo zit te wachten. Alleen bleef Hans wel erg lang weg, deze keer. Gelukkig hadden we wel contact met elkaar, tijdens dit soort hikes nemen we tegenwoordig altijd walkie talkies mee en dat bevalt ons prima. Nu kon Hans me dus vertellen dat hij niet meer wist waar hij mij had achtergelaten, hij was even zijn richtinggevoel kwijt. Ik heb m’n schoenen weer aangedaan en ben rondom het bochtje van de wash gelopen, zodat ik wat beter in beeld kwam. En ja hoor, daar zagen we elkaar weer. Toch handig, die walkie talkies!

Rond 1 uur ’s middags waren we terug bij de auto, veel te vroeg dus om al terug te rijden naar de bewoonde wereld. En een perfect moment om op zoek te gaan naar die ene geheime en daardoor zo ontzettend aanlokkelijke rotsformatie: The King of Wings. We wisten dat de kans dat we de King zouden vinden erg klein was, we hadden immers niet meer dan een indicatie in welk gebied dat ding te vinden zou moeten zijn. Geen aanrijroute, geen waypoints, geen beschrijving….. een en al vaagheid dus. Op Google Earth hadden we al wel zitten zoeken of er een weg het gebied in zou gaan, en we hadden inderdaad iets gevonden. En daarop vestigden we dus al onze hoop.

De weg  bleek precies te liggen waar we het verwachtten, onze ontdekkingstocht begon dus veelbelovend. Al duurde dat helaas niet al te lang…. ’t Was een heel smal zandweggetje dat dwars door een gebied met heel veel lage struiken liep, de harde droge takken van die struiken raakten zo nu en dan de zijkanten van de auto en dat zat me niet lekker, ik was bang dat er lelijke krassen op zouden komen. Maar dat was nog niet het grootste probleem, in het midden was het zandweggetje namelijk veel hoger dan op de plekken waar we met de wielen doorheen reden, zoveel hoger dat ik er echt niet al te veel fantasie voor nodig had om ons in gedachten al high centered boven op het middengedeelte te zien hangen. Hans loste dit op door op sommige plekken met de wielen niet langer door de wielsporen te rijden, maar over de middenberm en de zijberm. Waardoor die gemene takken aan de zijkant nog net even wat meer kans kregen om schade aan te richten….. Keren was uitgesloten, we moesten verder. © copyright  www.ontdek-amerika.nlOp gegeven moment bereikten we een open gedeelte, het weggetje boog hier naar links af en het zag er daar wat makkelijker begaanbaar uit. Hans heeft even te voet een stukje vooruit verkend, hij zag dat er verderop een stuk kwam waar we – als dat nodig zou zijn – konden keren. We zijn dus verder gereden tot aan die plek, er was daar een heuveltje waar Hans naar boven is geklommen in de hoop ergens een glimp van The King of Wings op te vangen.

Hij zag niets dat er ook maar enigszins op duidde dat we op de goede plek aan het zoeken waren. In de verte zag hij een canyon, dat klopte precies met onze verwachting. Maar het vlakke gebied voor die canyon was – zo ver hij kon kijken – bezaaid met laag struikgewas. En wij zochten nu juist naar een gebied met een meer rotsachtige ondergrond. Helaas, het had geen enkele zin om hier verder te rijden…. we konden maar één beslissing nemen en dat was: omdraaien! Onze auto bereikte de gewone gravelroad ongeschonden; de opluchting daarover was bij mij groter dan de teleurstelling over onze mislukte zoektocht.

Toen we ’s avonds in ons motel in Farmington de dag doornamen, kwamen we samen tot de conclusie dat we toch blij waren dat we een poging hadden gedaan om The King of Wings te vinden. Anders zouden we met dat knagende ‘misschien’-gevoel zijn blijven zitten…  Maar, we geven het niet op hoor, we blijven zoeken naar informatie over de juiste locatie. Als we die ooit nog vinden, dan gaan we zeker naar dit stukje van New Mexico terug. Dus, als iemand nog een goede tip voor ons heeft, dan is die bij ons nog altijd heel erg welkom!
 
Dag 10 : vrijdag 6 mei : farmington - boundary butte arch - recapture pocket - blanding

Gereden : 161 mijl

Ik heb last van een writers block…. Al minstens 10 keer heb ik een begin gemaakt met het beschrijven van onze belevenissen van de zesde mei, en even zo vaak heb ik alles weer weggehaald omdat de tekst gewoon niet lekker liep. Ik zal eens opsommen wat ik tot nu toe zoal geprobeerd heb te vertellen. © copyright  www.ontdek-amerika.nlAls eerste: dat we nu al een volle week in het noordwesten van New Mexico zaten, en dat we daar nu bijna alles van ons to-do-lijstje hadden afgestreept (behalve dan the King of Wings, helaas!) Als tweede: dat het de komende dagen nog mooi weer zou zijn, maar dat er voor na het weekend een dip werd verwacht. En verder: dat we daarom besloten om het kleine stukje Colorado dat we hadden gepland over te slaan, we wilden meteen naar Utah zodat we daar nog voor de weersomslag een paar plekjes zouden kunnen gaan bekijken die we echt niet wilden missen.

Tja, ik zal maar niet opnieuw proberen om daar nog een mooi stukje tekst van te maken, ik ga meteen over naar het beschrijven van de twee bezienswaardigheden die we op deze dag hebben bezocht. De eerste is Boundary Butte Arch, een mooie, grote, eenzame rots die vlak bij de grens tussen de staten Arizona en Utah zomaar ergens in het open veld staat. Via een zanderig weggetje konden we tot op ongeveer 1 mijl afstand van de rots komen; zo van ver was ie al heel goed zichtbaar maar we wilden hem natuurlijk ook graag van wat dichterbij bekijken. Dus we deden onze wandelschoenen aan, en we gingen op pad.

We hadden sterk het idee dat we hier naar een ‘broertje’ van Agathla Peak en Shiprock stonden te kijken: die zijn allebei ontstaan doordat er tijdens een vulkaanuitbarsting vloeibaar magma in een kraterpijp is achtergebleven, dat magma is vervolgens afgekoeld waardoor er een smalle hoge rotslaag is ontstaan. Die vervolgens door miljoenen jaren erosie aan de oppervlakte is gekomen. Een ‘volcanic plug’ noemen ze zoiets, en we gaan er van uit dat Boundary Butte Arch ook zo’n volcanic plug is. Nu heeft Boundary Butte Arch iets dat Agathla Peak en Shiprock niet hebben, namelijk een gat in het midden. ’t Wordt niet voor niets een arch genoemd, natuurlijk. Het gat is ruim 3 meter breed en 15 meter hoog, de rots zelf is nog een heel stukje hoger.

’t Was best wel zwaar om daar te lopen, er lag veel los zand en het terrein bestond alleen maar uit kuilen en bulten, voortdurend kleine hoogteverschillen dus. En om nou te zeggen dat de rots er van dichtbij meer indrukwekkend uitzag dan van veraf….. nee, niet echt. Ik denk dat we zowat drie kwart van de afstand achter de rug hadden toen we besloten dat dat laatste stukje – behalve vermoeide benen – niet veel extra’s op zou leveren. Vandaar dus dat we daar weer rechtsomkeer hebben gemaakt.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe reden nu meteen door naar ons belangrijkste doel van deze dag: een rotsachtig gebied dicht bij het plaatsje Bluff. Hoewel we al vaak in dit hoekje van Utah hebben rondgereden, hadden we Bluff nog nooit gezien. En ik moet zeggen, ’t was een heel aangename verrassing…. wat ligt dit dorp in een prachtige omgeving. Allemaal rode rotsen, wat wil je nog meer. We besloten spontaan om hier te gaan overnachten, in plaats van in Blanding. Het eerste motel waar we binnenliepen had geen plaats meer. Bij het tweede motel stond een wat vage vrouw achter de balie, ze keek ons heel raar aan toen we haar vroegen of er nog een kamer vrij was. Alsof we echt iets heel aparts hadden gezegd. Ze gaf ook niet echt antwoord, wel vroeg ze hoe laat we weer terug zouden komen. Waaruit we dus maar concludeerden dat er wel een kamer beschikbaar was, maar dat we daar nu nog niet in konden. Geen probleem natuurlijk, we hadden immers nog een paar rotsbezichtigingen voor de boeg.  De vrouw noteerde onze gegevens, en daarna gingen we met toch een wat vervelend gevoel weer naar buiten….

Dat vervelende gevoel was heel snel over toen we weer in de auto zaten, de mooie rode rotsen rondom ons brachten ons al helemaal in de stemming voor onze volgende bezienswaardigheid. Recapture Pocket bestaat uit drie apart van elkaar gelegen gedeeltes, de eerste twee plekjes die we gingen bekijken lagen aan dezelfde dirtroad. Na een stukje gravelweg en vervolgens een stukje rotsachtige weg – makkelijk te doen met onze SUV – bereikten we de eerste plek. Hmmm, daar zagen we wel een paar rotsformaties maar om nou te zeggen dat die indrukwekkend waren, nee, zeker niet. We reden dan ook maar meteen door naar Recapture Pocket nummer 2. En wat we daar te zien kregen, dat was dus wél helemaal geweldig!

De dirtroad eindigde bij een U-vormige vlakte, die aan drie kanten werd omsloten door een lage, knobbelige rotswand. En op die vlakte stonden diverse metershoge pilaren en rotswanden, het leken wel bouwpakketten van op elkaar gestapelde stenen. We konden met onze auto helemaal tot aan de rotsen rijden, en ik moet zeggen, het is best wel lekker om eens een keer niet zoveel moeite te hoeven doen om in een mooi gebied terecht te komen. ’t Was ondertussen ook tijd om te lunchen, en dit was uiteraard een meer dan ideale picknickplek. We hebben onze stoelen in de schaduw van zo’n mooie los staande rotswand neergezet; ik ging boterhammen smeren maar Hans had eigenlijk helemaal geen tijd om te eten, die was al volop aan het fotograferen. Ik moest ‘m zelfs nog op z’n kop geven voordat ie bereid was om even te komen zitten…. eerst eten jij, verdorie!

 

© copyright  www.ontdek-amerika.nl

© copyright  www.ontdek-amerika.nl © copyright  www.ontdek-amerika.nl
 

We hadden het prima naar onze zin daar. ’t Was maar een klein gebied, maar we hebben er lekker onze tijd voor genomen om het van alle kanten te bekijken. Daarna zijn we via dezelfde weg teruggereden, en daarbij kwamen we dus opnieuw bij Recapture Pocket nummer 1 waarvan wij bij de eerste aanblik niet zo gecharmeerd waren geweest. Ik las nu pas de tekst in mijn roadbook, en daar stond een zinnetje dat ik de eerste keer dus had gemist: “Loop via een kleine slickrockhelling naar beneden.” En ja hoor, daar lag inderdaad een kleine slickrockhelling. We zijn dus toch maar even uitgestapt, en hebben deze aanwijzing opgevolgd. Deze hele nuttige aanwijzing, zo bleek al snel…. want we kwamen nu dus uit bij een plek waar meer van die prachtige rotspilaren stonden. ’t Was hier zelfs nog mooier dan bij Recapture Pocket nummer 2, omdat de rotsen hier met een weidse achtergrond gefotografeerd konden worden. Moet ik nu echt nog gaan schrijven dat we ook hier volop hebben rondgelopen en foto’s hebben gemaakt, of spreekt dat vanzelf?

© copyright  www.ontdek-amerika.nlTijdens elke Amerika-reis ontmoet je wel iemand met wie je een heel erg leuk gesprek aan kunt knopen. En zo’n ontmoeting, die hadden we nu dus hier bij Recapture Pocket. Op het moment dat we nog bij de rotspilaren stonden, hoorden we motorgeluiden onze kant op komen. En even later zagen we dat er twee mannen met quads bij onze auto waren gestopt, het was duidelijk dat ze ons daar op stonden te wachten. Het waren mannen van een jaar of zestig, eentje was er heel spraakzaam, de ander was wat stilletjes. De laatste 8 jaar hadden ze steeds hier op deze plek gekampeerd, samen met hun echtgenotes. Ter ere van Moederdag, zo legde de spraakzame man uit. De mannen waren vooruit gereden om te checken of de kampeerplek vrij was, en daarbij hadden ze dus onze auto aangetroffen. Of wij ook van plan waren om hier te overnachten, zo wilden ze graag weten. Want in dat geval zouden zij wel een ander plekje zoeken.

We vertelden dat wij weer verder zouden rijden, en we legden hen uit dat Recapture Pocket nummer 3 ons volgende doel was. En dan is het zo heerlijk als je van die super enthousiaste reacties krijgt, precies in die richting zou ook nog een schitterende rotsformatie met vier gaten erin te vinden zijn, Four Windows, zo noemden ze die. We beloofden om zeker naar die rots op zoek te gaan, en namen afscheid. De route naar de derde parkeerplaats bleek iets ruiger te zijn dan die naar de eerste twee plekken, we reden o.a. over een vrij hobbelig slickrockplateau waar we toch wel extra voorzichtig moesten zijn. En ondertussen moesten we ook de omgeving afspeuren, Four Windows zou immers vanaf de weg zichtbaar moeten zijn, zo hadden de mannen ons verteld. Maar helaas, we hebben de bewuste rots niet gevonden. Recapture Pocket nummer 3 lag wel precies op de goede plek, direct langs de dirtroad. Het was weliswaar ‘meer van hetzelfde’, maar dat vonden wij absoluut niet erg. Sterker nog, we hebben zelfs nog een poging gedaan om nóg meer van hetzelfde te vinden: in de verte lag een rotswand die er veelbelovend uitzag. Maar die – toen we dichter bij kwamen – die belofte niet waar kon maken, echt bijzonder was het daar niet. Ach, wij waren al dik tevreden met wat we hadden gezien vandaag, Recapture Pocket gaat als een echte topper bij ons de boeken in!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe reden terug naar Bluff, waar we nog even zijn gestopt bij de imposante Navajo Twin. En ach, nu we daar toch onze auto hadden geparkeerd, konden we ook best wel even de souvenirwinkel binnenlopen die daar aan de voet van die mooie tweelingrots te vinden was. We vroegen ons af wat de tekst betekende die boven bij de deur stond:  YA AT EEH staat voor ‘Hello’ en HA GOO NEE voor ‘Goodbye’, zo weten we inmiddels. Ha, de Navajo zijn zeker fan van Joris Linssen z’n programma! Het bleek overigens echt geen standaard souvenirwinkeltje te zijn, binnen troffen we vitrines aan met schitterende Indiaanse halskettingen, armbanden en andere sieraden. Normaal gesproken geef ik echt helemaal niets om sieraden, maar hier keek zelfs ik heel begerig mijn ogen uit. Totdat ik de prijskaartjes bekeek…. een kettinkje van paar duizend dollar was hier echt geen uitzondering!

Ik had er ondertussen best wel spijt van dat we zo impulsief voor Bluff als overnachtingsplaats hadden gekozen. Okay, de omgeving daar is schitterend, maar nu ik er even rustig over had nagedacht was ik tot de conclusie gekomen dat Blanding toch echt beter op de route lag. We besloten dan ook om eens te proberen of we nog onder onze reservering uit konden komen. Dezelfde vrouw die eerder deze middag onze naam had genoteerd hoorde onze vraag aan, pakte de reservering uit een bakje en scheurde het papier kapot. En dat zonder ook maar één woord te zeggen. Wat een raar mens zeg, we waren nu nog extra blij dat we hier niet hoefden te overnachten.

Een half uurtje later arriveerden we in Blanding, waar we ons gewone avondprogramma weer hebben afgewerkt:  een motelkamer regelen, even boodschappen doen, een hapje gaan eten (makkelijk, het Old Tymer Restaurant dat we nog kenden van een eerdere vakantie lag direct naast de deur). En daarna foto’s back-uppen, een paar leuke exemplaren online zetten in ons live reisverslag, en ook nog een stukje schrijven natuurlijk. Zo, we hadden er weer een dag op zitten, een zeer geslaagde dag, mogen we wel zeggen. En ik heb – ondanks mijn writers block – toch weer een heel stuk tekst uit mijn toetsenbord gekregen….

 
Dag 11 : zaterdag 7 mei : blanding - house on fire - montezuma creek - blanding

Gereden : 149 mijl

Ergens op een internetsite hadden we gelezen dat de ochtend, zo tussen 9 en 10 uur, het beste moment zou zijn om de 800 jaar oude ruïne van de Anasazi Indianen in Mule Canyon te fotograferen. Die ruïne heet House on Fire, en de naam heeft ’t te danken aan het feit dat de overhangende rotswand op sommige momenten – als het zonlicht precies goed in de canyon staat – heel fel oplicht. Dat wilden wij natuurlijk heel graag met eigen ogen zien, vandaar dus dat we er voor zorgden dat we al om kwart voor 9 bij de ruïne stonden.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlDe ruïne was echt prachtig om te zien, wat het nog extra mooi maakte was de authenticiteit: House on Fire verkeert nog helemaal in de originele staat, er is nooit iets gerestaureerd. Helaas bleek de informatie die we over het tijdstip hadden gelezen totaal niet te kloppen, we waren véél te vroeg. De zon kwam lang niet ver genoeg de canyon in, de rotsbodem net voor de ruïne lag nog dik in de schaduw. We hebben eerst nog even wat in de nabije omgeving rondgedwaald, niet te ver, want we wilden natuurlijk niet het risico lopen dat we het juiste moment net zouden missen. Maar toen we weer bij House on Fire terugkwamen, was de schaduwlijn maar een heel klein stukje opgeschoven…. het was nog steeds veel te vroeg. 

We besloten om te wachten. Terwijl Hans al wat foto’s stond te maken, heb ik een schrift waarin bezoekers hun opmerkingen kunnen schrijven eens door zitten bladeren. Ik wist dat er diverse Alles Amerika-forumleden deze plek al hadden bezocht, het leek me dan ook heel goed mogelijk dat ik zomaar een of meer bekende namen tegen zou kunnen komen. En ja hoor, op 24 mei 2010 hadden Peter, Jacqueline en Natasja uit Amsterdam geschreven dat dit een Beautiful Site was! Uiteraard heb ik ook een berichtje achtergelaten, dat doen we altijd wel als er ergens zo’n schrift ligt.

Rond 10 uur kregen we gezelschap van een Amerikaans echtpaar. Zij hadden duidelijk dezelfde interesses als wij: mooie afgelegen plekken bekijken, en fotografie! Het licht was nog steeds niet goed, dus we hadden volop de tijd om met elkaar te kletsen over wat we al aan moois gezien hadden in Utah en omstreken. Ondertussen kwamen er nog meer mensen naar boven geklommen, er stond daar op gegeven moment echt een heel kapitaaltje aan foto-apparatuur op een rij! Maar helaas, ook tussen half 11 en 11 uur veranderde er niet veel aan het licht….. de ene na de andere fotograaf droop af en ook wij hielden het om kwart over 11 voor gezien. House on Fire is echt mooi, maar na ruim 2,5 uur daar rondhangen hadden we er toch echt wel genoeg van!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlTwee jaar geleden hadden we bij toeval een mooie picknickplek ontdekt. Die lag nu precies op onze route, dus we hoefden niet lang na te denken waar we onze boterhammen zouden gaan smeren vandaag: direct langs Highway 95, bij de Comb Ridge. Lekker in de schaduw van een stel mooie bomen. En daarna gingen we een stukkie rijden, we hadden de ruim 40 mijl lange Montezuma Canyon Trail op het oog. Over die route valt op internet niet zo heel veel te lezen, ik had welgeteld één routebeschrijving gevonden. Die was overigens wel best uitgebreid, er werden diverse bezienswaardigheden genoemd, steeds compleet met waypoints en onderlinge afstanden.

Onze rit begon bij de Hatch Trading Post, een heel stuk ten zuidoosten van Blanding. We draaiden daar een brede gravelweg op, en al gauw werden we verrast door een eerste fotogenieke plek: een stel leuke hoodoos. Ik had alleen niet al te veel tijd om ze te bekijken, want ik werd me daar toch spontaan ontzettend verkouden! Ik begon te niezen, te sniffen en te snotteren, zakdoeken hadden we niet in de auto maar gelukkig nog wel wat stukken keukenrol. En die had ik echt héél hard nodig, ik snotterde nog erger dan toen ik voor de eerste keer naar West Side Story keek! Het viel me wel op dat de planten rondom de hoodoos erg sterk geurden, dat zou natuurlijk best iets met mijn onverwachte snotteraanval te maken kunnen hebben.

Tijdens het eerste gedeelte van onze rit kwamen we regelmatig leuke dingen tegen. Een paar petroglyphs, een piepkleine Cliff Dwelling met een mooi rotstekening er boven, mooie gelaagde rotswanden (‘stoere rotsen’, zo noem ik ze in mijn aantekeningen). We zagen wat restanten van de Utomic Company Buckhorn Mine, en nog een kleine Cliff Dwelling waarvoor we wel eerst een kleine zoektocht hadden moeten ondernemen. ’t Was niet echt spannend allemaal, maar toch, de rit beviel ons ontzettend goed.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlVooraf verwachtten we dat Three Kiva Pueblo het voornaamste punt op onze route zou zijn. Maar dat viel tegen, er lag hier inderdaad – zoals in onze beschrijving stond – een gerestaureerde kiva. Maar de ladder waarmee je de kiva binnen zou kunnen gaan was weggehaald. En de bovengrondse overblijfselen van de kiva waren echt niet mooi, er stonden nog een paar muurtjes overeind, en er lagen wat stapels stenen die eerder ook wel muurtjes zullen hebben gevormd. We zijn maar gauw weer verder gereden, al snel voorbij Three Kiva Pueblo moesten we Montezuma Creek oversteken. Het water was gelukkig erg ondiep, we konden dan ook goed zien dat er een breed, vlak rotspad over de bodem liep waar onze Jeep makkelijk overheen kon rijden.

Meteen na deze oversteek vonden we nog twee Cliff Dwellings en wat petroglyphs. Voor die Cliff Dwellings moest er wel weer geklommen worden, daar had ik – nog steeds volop snotterend – echt geen zin in. Dus ik ben lekker in het zonnetje gaan zitten terwijl Hans op Cliff Dwelling jacht ging. Iets wat me overigens heel wat After Sun smeergel heeft gekost…. ik heb me daar flink zitten te verbranden!

Eigenlijk verwachtte ik dat we nu niet meer bijzondere plekjes meer tegen zouden komen, in onze routebeschrijving was dit het laatste Point of Interest dat werd genoemd. En dat terwijl we nog niet eens de helft van de totale afstand hadden afgelegd. Eén ding vonden we wel jammer, we hadden vooraf stiekem gehoopt dat we Honeycomb Ruin zouden vinden; dat is een kleine Cliff Dwelling waarvan we een mooie foto op internet hadden gevonden, maar waarvan we de exacte locatie niet hadden kunnen achterhalen.

Tot onze verbazing kwamen we toch nog een rotswand tegen waar we, hoog ingeklemd in een richel, een hele rij Cliff Dwellings zagen. Die werden dus niet genoemd in onze routebeschrijving, en dat terwijl dit toch echt het mooiste plekje was dat we tot nu toe tijdens onze rit waren tegengekomen. Aan de onderzijde van de rotswand stond een hek, we konden dus niet naar de Cliff Dwellings toe klimmen. Gelukkig konden we dankzij onze telelens de rotswoningen toch nog goed fotograferen. Het was hier zeker niet mooier dan vanochtend bij House on Fire, maar toch…. om eerlijk te zijn maakte deze plek meer indruk op me. Waarom, dat kan ik niet echt uitleggen, dat is gewoon een gevoel.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlDik tevreden stapten we weer in de auto, we maakten een bochtje naar links en ik keek zomaar eens de rotswand waar we aan voorbij reden af. En hééé…. daar was ie…… niet meer verwacht maar toch gevonden…. onze Honeycomb Ruin!! Alleen zat ie wel heel erg hoog in de wand, no way dat ik daar naar toe zou durven klimmen. En dus stond ik even later toe te kijken hoe Hans wel richting de ruïne klom, vrij moeizaam want een echt handige route was er niet te vinden. ’t Is hem niet gelukt om helemaal tot bij de ruïne te komen, maar gelukkig was hij wel dichtbij genoeg om er een goede foto van te kunnen maken. Zodat we kunnen laten zien waar deze Cliff Dwelling haar naam aan te danken heeft, namelijk aan het mooie honingraatpatroon van de rotswand die het dak ervan vormt.

Voorbij de Honeycomb Ruin veranderde de omgeving. We hadden nog steeds een behoorlijk stuk voor de boeg, maar toch kwamen we zo langzaam aan al een heel klein beetje in de bewoonde wereld. Diverse hekken links en rechts van de weg met “Private Property”-bordjes erop. Een verlaten cabin. Wat oude auto’s hier en daar. En die grote gaten die aan de onderzijde in de rotswand waren gemaakt, dat leek toch ook wel echt mensenwerk te zijn. We vroegen ons af waar die gaten voor dienden, en die vraag werd al snel beantwoord. Het waren opslagruimtes! Voor landbouwwerktuigen, en voor hooi. In een van die gaten heeft zelfs ooit een soort van winkeltje gezeten, de opening was dichtgemaakt en er zaten een deur en een paar ramen in. Natuurlijk hebben we even binnengegluurd, er lag een hoop oude rommel daarbinnen.

We zullen niet zeggen dat de Montezuma Canyon Trail de mooiste rit is die we ooit hebben gereden, maar het is absoluut wel een van de meest afwisselende geweest. Vooral de laatste “Cliff Dwellings” die we ontdekten waren wel héél erg apart: er zaten twee moderne woningen helemaal in de rotswand gebouwd. Die mensen hebben zich duidelijk laten inspireren door de Anasazi People! We besloten de rit met een lange, steile en vooral ook zeer bochtige klim naar boven, en aan het einde daarvan kwamen we uit op State Route 191, ergens tussen de plaatsen Monticello en Blanding. We zijn meteen maar naar het Old Tymer Restaurant in Blanding gereden, waar ik maar nauwelijks genoeg bleek te hebben aan de papieren servetjes die daar op tafel lagen: ik had weer last van een nieuwe snotteraanval. Ik hoopte maar dat mijn verkoudheid niet aan zou houden, morgen moest ik fit genoeg zijn om weer een trail te kunnen gaan lopen.
 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl
 
Dag 12 : zondag 8 mei : blanding - fallen roof ruin - little egypt - hanksville

Gereden : 166 mijl

We hadden nog één bijzondere Cliff Dwelling op het oog: de Fallen Roof Ruin. Je kan die ruïne het best vergelijken met House on Fire, alleen is Fallen Roof net wat moeilijker bereikbaar. En daardoor ook net wat minder bekend. We moesten eerst een paar mijl dirtroad rijden; de Cigarette Springs Road bleek heel goed begaanbaar te zijn, onze high clearance was wel prettig maar niet perse noodzakelijk. Rond half 10 bereikten we de trailhead, volgens onze routebeschrijving hadden we nu een hike van ongeveer 3 kwartier voor de boeg.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe begonnen met een halve kilometer via een vlak pad (vals plat!) richting Road Canyon. We waren zowat halverwege toen ons twee mensen tegemoet kwamen, een man en vrouw. Na een vriendelijk goedemorgen vielen ze meteen met de deur in huis: of wij ook op weg waren naar de Fallen Roof Ruin, en of wij wisten dat de afdaling zo gevaarlijk was? Uhhh, ja….. we zijn inderdaad op weg naar de ruïne, en nee…. volgens onze informatie valt die afdaling wel mee! ’t Bleek al snel dat zij op een andere plek dan dat wij voor ogen hadden geprobeerd hadden om omlaag te klimmen, ze hadden hun poging al snel moeten opgeven en waren nu dus weer op weg naar de auto. Maar nu ze zagen dat wij met een GPS op pad waren, en blijkbaar meer nauwkeurige informatie hadden omtrent de juiste afdalingsplek, wilden ze het graag nog eens proberen. Of ze met ons mee mochten lopen?

Uiteraard zeiden we ja, natuurlijk mochten ze met ons mee lopen. Maar om eerlijk te zijn…. we baalden er wel een beetje van (zeg maar gerust: een beetje veel). Het waren heel aardige mensen hoor, daar was niks mis mee, maar toch.... het was al snel duidelijk dat we hier met een paar wel heel erg onervaren wandelaars zaten opgescheept. Niet dat wij zelf nu zo’n doorgewinterde hikers zijn, verre van dat, maar we houden er wel van om er een lekker tempo in te houden en intensief met onze omgeving bezig te zijn. En nu liepen we dus ineens in een slakkegangetje richting de canyon, terwijl ik ondertussen hele verhalen moest aanhoren over de kinderen en kleinkinderen van het stel.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlOp het punt dat door de GPS werd aangewezen, zagen we helaas nog niet echt een goede mogelijkheid om in de canyon af te dalen. Nu komt het wel vaker voor dat er kleine afwijkingen in de waypoints zitten, dus we besloten om nog even verder langs de rim af te lopen in de hoop een betere plek te vinden. Na een paar minuten zagen we inderdaad zo’n plek, Hans en ik besloten al gauw om daar naar beneden te klimmen. Tot onze verbazing (en opluchting!) zei het Amerikaanse stel dat ze het toch niet zo zagen zitten. Ze wilden deze ochtend ook nog naar House on Fire, en ze waren bang dat ze het qua tijd niet meer zouden redden om allebei de ruïnes te gaan bekijken. Nee, dat was wel zeker, het was immers al bijna 10 uur en alleen deze trail zou al twee keer drie kwartier gaan kosten. Dit paste wel bij het beeld dat we van deze mensen hadden, namelijk dat ze van te voren echt totaal geen idee hadden waar ze aan waren begonnen. Enfin, we namen afscheid en Hans en ik mochten alleen verder op ontdekkingstocht. Gelukkig!

© copyright  www.ontdek-amerika.nlDe afdaling was heel makkelijk. Totdat we – op het moment dat de bodem al volop in zicht was – ontdekten dat we op een plateautje waren beland vanwaar we niet meer verder naar beneden konden. Balen zeg, de bodem was al zo dichtbij dat meer sportieve types waarschijnlijk wel van dat plateautje af zouden durven springen. Maar ja, ik had geen zin in gebroken enkels dus dit avontuur zijn we maar niet aangegaan. We hebben nog goed rondgekeken of er toch echt niet ergens een plekje was waar we dat laatste stukje afdaling zouden kunnen doen, maar helaas…. Er zat niets anders op: we moesten weer omhoog klimmen naar de rim. We zijn toen nog een keer een kijkje gaan nemen bij de plek die door onze GPS werd aangegeven. En zowaar, we bleken hier tóch naar beneden te kunnen! ’t Probleem zat ‘m vooral in het feit dat de route naar beneden toe van bovenaf vrijwel onzichtbaar was, pas tijdens het afdalen zelf werd duidelijk hoe het pad liep.

En zo stonden we dan toch eindelijk beneden in Road Canyon. En vanaf dit punt was het vinden van de juiste route heel eenvoudig, we moesten gewoon de canyon volgen. De trail was verrassend leuk, overal lagen kleine rotsblokken en stonden struiken en we moesten steeds zoeken waar we nou precies overheen moesten klimmen of langs af moesten wringen. Nergens moeilijk of lastig, maar allemaal net wel wat leuker dan zomaar rechttoe rechtaan lopen. Na ongeveer 1 kilometer zagen we het herkenningspunt waarnaar we op zoek waren: een robuuste donkerrode hoodoo. We wisten dat we ons doel nu heel dicht waren genaderd. En ja hoor, daar was de ruïne, een meter of 20 boven ons in een rotswand-richel. We moesten nu nog wel via die rotswand omhoog klimmen, dat bleek vooral een kwestie van goed vooruitkijken te zijn. Zodat we niet ergens op een plekje belandden vanwaar we niet verder omhoog zouden kunnen. Hans heeft daar een veel betere kijk op dan ik, dus ik liet hem het speurwerk doen en klom daarna netjes achter hem aan. 

© copyright  www.ontdek-amerika.nlJe hebt van die momenten tijdens een reis die net wat extra’s hebben. En dit was er dus zo een, ik heb intens genoten van ons verblijf daar boven bij de kleine Fallen Roof Ruin. De prachtige Cliff Dwelling, de weidse blik over de omgeving, de intense rust en stilte…. geweldig was het daar! Echt een van de hoogtepunten van onze vakantie. We hebben er lekker een tijdje zitten te genieten, daarna was het weer tijd voor de terugweg. Die overigens heel wat sneller verliep, we waren netjes binnen de geplande drie kwartier terug bij de auto.

Harde wind, daaraan zijn we ondertussen wel gewend geraakt tijdens onze vakanties. En dus weten we dat er niets zo lastig is als de combinatie ‘harde wind’ en ‘picknicken’. We waaiden weer compleet uit ons Wehkampie daar op de parkeerplaats, dus onze poging om een hapje te gaan eten hebben we maar snel opgegeven. We reden terug naar de verharde weg, State Route 261. Waar we op gegeven moment een bordje “Overstekende hikers” naast de weg zagen staan; daar moesten we samen smakelijk om lachen, je verwacht wel bordjes waarop herten staan afgebeeld maar een plaatje van een mannetje met backpack, da’s toch echt wel verrassend. En wat denk je…. we reden een bultje in de weg over, en wie liep daar toen ineens in ons blikveld?? Ja hoor, een man met een grote backpack op z’n rug!! We lagen helemaal in een deuk…. dit was echt een kwestie van perfecte timing! Niet veel verder zagen we een BLM-kantoor naast de weg staan, daar hebben we direct naast het gebouw alsnog zitten picknicken. Niet de meest ideale plek, maar okay, we zaten hier in elk geval een klein beetje beschut. We zijn daarna nog even naar binnen gelopen, we waren toch wel heel benieuwd hoe oud de handafdrukken waren die we bij de Fallen Roof Ruin hadden gevonden. 800 jaar, zo liet de Ranger ons weten. En dat vonden we toch wel heel indrukwekkend.

We wisten nog niet waar we vanavond zouden overnachten. Hanksville, Green River, Torrey misschien? We besloten om eerst maar eens flink wat afstand te gaan overbruggen, via Highway 95. Die ook wel ooit de Bicentennial Highway wordt genoemd. In 2003 hadden we die route ook al eens gereden, Melanie en Rob waren er toen ook nog bij. Ik wist nog dat dit een hele mooie route was, maar dat het hier zo magnifiek, overweldigend, fantastisch subliem mooi was (ja hoor, ik houd ervan om superlatieven te gebruiken!), dát wist ik echt niet meer. We zaten allebei een beetje helemaal lyrisch te wezen in de auto… Helaas hebben we geen foto’s om te bewijzen dat ik echt niet overdrijf hier, het gebied was, zoals wij dat noemen, niet echt ‘fotografabel’.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlHoe verder we naar het noorden reden, hoe bewolkter het werd. Een voorbode van het slechte weer dat ons de komende twee dagen te wachten stond. Maar nu was het nog droog, dus daarvan moesten we nog wel even profiteren. Op zo’n anderhalve mijl ten westen van Highway 95 ligt Little Egypt, een gebied met rotsformaties in de stijl van Goblin Valley en Blue Canyon. We reden er via een zeer eenvoudig begaanbare dirtroad naar toe. Ik moet zeggen, terwijl we ons daar op de parkeerplaats stonden voor te bereiden, voelde ik niet veel enthousiasme. Harde wind, nog steeds wat verkouden, moe…. ik had mijn portie ‘enthousiast zijn’ al ruimschoots verbruikt vandaag bij Fallen Roof en onderweg tijdens de Scenic Route. De rotsformaties die we vanaf de parkeerplaats zagen staan brachten me niet echt in vervoering.

© copyright  www.ontdek-amerika.nlWe besloten om even allebei in ons eigen tempo aan de gang te gaan, ik bleef bij de dichtstbijzijnde rotsen terwijl Hans verderop een kijkje ging nemen; via onze walkie talkies hielden we contact met elkaar. Ik maakte her en der wat foto’s, weinig geïnspireerd want ik slaagde er maar niet in om echt mooie composities in mijn camerascherm te vangen. Tot er een berichtje via mijn walkie talkie binnenkwam: Ik moest écht even wat verder lopen, zei Hans, het achterste gedeelte van Little Egypt was veel mooier dan het begin! Ik heb me over mijn vermoeidheid heen gezet en ben Hans achterna gegaan. En ja hoor, hij had helemaal gelijk. Ik voelde mijn ‘wat is het hier mooi’-stemming weer helemaal terugkomen, ik had er weer volop zin in.

Toen we weer bij de auto terugwaren voelde ik opnieuw hoe moe ik was. We besloten dan ook dat we niet verder zouden rijden dan Hanksville, het was mooi geweest voor vandaag. Hanksville is een gat van niks, maar we wisten van een eerdere vakantie dat er in elk geval wel minstens één fatsoenlijk motel te vinden was, het Whispering Sands Motel. Vijf jaar geleden hadden we daar voor het ongelooflijke bedrag van 10 dollar overnacht; de inflatie had hier inmiddels flink toegeslagen want we mochten deze keer maar liefst 87 dollar afrekenen. Daar kregen we dan wel een prima kamer voor, mét internet deze keer. We moesten natuurlijk ook nog ergens gaan eten, we gingen daarom de Red Rock Steak House maar eens uitproberen. Het was een super eenvoudig ingericht eettentje, maar het was er tot onze verbazing wel behoorlijk druk. Er zaten twee grote gezelschappen binnen, we zagen al snel dat het geen toeristen waren maar lokale bewoners. Ahhh… het is vandaag Moederdag, zo drong tot ons door! Een groep had het eten al op tafel staan, het andere gezelschap had al besteld dus hun eten was in de maak. . Na ons kwamen er nog diverse mensen binnen, lokale bewoners maar ook toeristen. Waaronder een groepje van vier jonge mannen, twintigers, die volgens ons Duits met elkaar spraken maar dan wel in een voor ons onverstaanbaar dialect. ’t Bleek al snel dat we net op tijd binnen waren gekomen, wij kregen de door ons bestelde hamburgers nog redelijk snel op tafel maar de mensen die na ons waren gearriveerd moesten echt lang wachten. Ik was blij toen we weer teruggingen naar ons motel, even lekker lui op bed liggen met een mooi boek was voor mij de meest aantrekkelijke manier om deze Moederdag af te sluiten.
 
© copyright  www.ontdek-amerika.nl
 
Dag 13 : maandag 9 mei : hanksville - moab

Gereden : 120 mijl

We werden wakker van een heftige regenbui met onweer! Waarop we ons lekker nog eens hebben omgedraaid en weer in slaap zijn gevallen, dat was dus echt voor het eerst deze vakantie. Toen we opnieuw wakker werden regende het nog steeds, het was meteen al duidelijk dat we vandaag heel weinig zouden kunnen gaan ondernemen. Nu is Hanksville niet echt The Place to Be als je niets te doen hebt, we hebben ons boeltje daarom maar ingepakt en we zijn naar Moab gereden. De winkeltjes daar bleken niks moois voor onze Oona in de aanbieding te hebben, de kinderkleertjes in die toeristische gebieden zijn echt ugly. De City Market was gelukkig wel goed voorzien, dus we hebben maar van de gelegenheid gebruik gemaakt om onze eet- en drinkvoorraad weer op peil te brengen. En om een wasje te doen. En om een flink stuk van mijn leesboek weg te werken. Niet echt interessant dus voor dit reisverslag, ik zal daarom maar meteen een eind breien aan ‘dag 13’ en heel gauw overgaan naar ‘dag 14’. Want die bleek heel wat meer voor ons in petto te hebben!

 

 
All pictures © copyright hanz en henriëtte meulenbroeks
Gastenboek
Links Contact Disclaimer